Paringsdans

Dominique | Lesbisch feuilleton | Aflevering 66

Gepubliceerd op: 07 februari 2006

Paringsdans
Dominique vliegt van verre pistes (als dat maar goed gaat...) dus wij herhalen hier de Paringsdans van vorige week! Volgende week is Do weer terug van haar skivakantie en is er weer een verse aflevering.

---------------------------

Fiona heeft een woedende Marga in haar nek, die te horen heeft gekregen dat Fiona niet alleen op de bank maar vooral ook mèt Brenda heeft geslapen. Do probeert op verzoek van Fiona te bemiddelen, maar moet alle zeilen bijzetten om haar eigen demonen te lijf te kunnen...

 
Dedlev, mijn hoofdredacteur, kwam gehaast de afdeling op en spurtte meteen door naar mijn bureau. “Do, opschieten, er zijn twee artikelen geschrapt dus nu worden die van jou vervroegd, red je dat?”
Alsof dat werkelijk een vraag was.
“Nee Dedlev, dat lukt me niet binnen het uur.”
“Eentje toch wel?”
“Eentje wel, ja.”
Hij tikte ongeduldig met de punt van zijn teen tegen mijn bureau.
“Kun je daar mee ophouden, ik word strontnerveus van je.”
“Ja, ja, sorry.” Hij veegde met een hand over zijn stekelige hoofd. “Koffie?”
Ik knikte heftig.
“Oké, ben zo terug”, hijgde hij en liep in draf naar de koffiemachine aan het eind van de gang.
 
Mijn mobiel ging af. Fiona.
“Do?”
“Ik heb nu echt geen tijd Fioon, mijn stuk moet over een uur af zijn.”
“Ja maar dit is echt een noodgeval, kunnen we samen lunchen?”
“Schat ik kan hier echt niet weg nu.”
“Maar het is echt van levensbelang, kun je je laptop niet meenemen?”
“Hoe kan ik nou werken als ik naar jouw van levensbelangrijke gezwam moet luisteren?”
“Maar ik heb Marga achter me aan!”
Ik hield even op met wroeten door mijn aantekeningen. “Sorry?”
Fiona zuchtte diep. “Brenda heeft waarschijnlijk Marga ingelicht over onze nacht samen en nu heeft ze woedend mijn antwoordapparaat volgespuugd.”
 
Ik speelde met een paar lange bruine lokken en fronste diep. “Waarom zou ze dat doen, waarom zou Brenda dat in geuren en kleuren aan Marga vertellen?”
“Ja, weet ik veel, om op te scheppen, Marga jaloers te maken, geen idee. Ik weet alleen dat ik geen zin heb in gezeik.”
“Bel Marga op en vertel hoe het gegaan is. Dat je stomdronken was en je helemaal niets kunt herinneren.”
“Ja, dat is nou net het punt, ik kan mezelf niet eens fatsoenlijk verdedigen. Kun jij Marga niet bellen?”
“Ik? En wat moet ik zeggen dan? Ik was er niet eens bij”
“Nou maar jij kent me als geen ander, dat weet zij ook. Maak er iets aannemelijks van.”
Ik was verbaasd, maar moest desondanks lachen. “Fioon, hoe oud ben je nou, je kunt je eigen bonen toch wel doppen?”
Opnieuw een diepe zucht. “Ik weet het, maar ik kan hier in het ziekenhuis niet zomaar even uitgebreid bellen en dan loop ik er de hele dag maar mee, daar kan ik niet tegen. Bel jij Marga voor me, please?”
 
Ik schudde mijn hoofd en wreef nog een restje slaap uit mijn ogen. “Oké, oké, ik bel Marga. Maar dat is echt de laatste keer dat ik zoiets voor je doe.”
“Je bent een engel, ik maak het goed met je, echt.” Ze hing op.
 
Ik zuchtte nu eveneens. Ik vertrouwde Brenda voor geen strekkende meter. Het laatste wat ik wilde was me bemoeien met zaken die haar aangingen of waar ze, direct of indirect, iets mee van doen had.
 
Net toen ik Marga wilde bellen, deed een bekende stem aan het begin van de afdeling me verstijven. Ik sprong op van mijn stoel en stak mijn hoofd om de hoek. “Oh god…”
 
De diepe lage stem kwam druk pratend dichterbij en ik zocht naarstig naar een uitweg. Via de afdeling van de beeldredactie zou ik naar het andere eind van de gang kunnen vluchten, zonder hem tegen het lijf te hoeven lopen. Maar ik had een deadline te halen en ik kon dus eigenlijk helemaal niet weg. Ik stond in dubio. Precies lang genoeg om niet meer te kunnen ontkomen.
 
“Hé, Dominique”, klonk zijn warme stem opgewekt.
“Hai John”, begroette ik hem plichtmatig terug en ontweek zijn indringende blik.
Dedlev kwam aangesneld met koffie. “Ga zitten, ga zitten”, gebood hij jachtig, “John heeft een uitstekend idee voor die extra pagina in het weekend.”
Ik trok een wenkbrauw op. “John is een vertegenwoordiger die ons advertenties in de maag splitst”, antwoordde ik zonder mijn blik van Dedlev af te wenden.
“Kom kom”, gebaarde Dedlev, “Hij is wel meer dan dat.”
‘Je moest eens weten’, dacht ik.
 
John schoof een stoel naar achteren en ging zitten. Hij strekte zijn lange gespierde benen, gestoken in een onberispelijk pak tot onder mijn bureau en keek me triomfantelijk aan. Ik negeerde zijn blik en schoot Dedlev in gedachten met drie welgemikte kogels overhoop.
 
Mijn mobiel ging opnieuw af. Het was Marga.
“Marga, ik kan nu even niet pra...”
“Wat is er in godsnaam allemaal aan de hand, kan die vriendin van jou niet van de mijne afblijven?” tetterde haar schelle stem in mijn oor.
“Schat, ik weet niet wat er allemaal aan de hand is...”
“Wat er aan de hand is? Fiona doet het achter mijn rug om met mijn vriendin!”
“Ze was strontlazarus, ze heeft geen idee wat er gebeurd is”, probeerde ik haar te kalmeren, terwijl ik de gang inliep om de heren aan mijn bureau niet ongegeneerd te hoeven laten meegenieten.
 
“Wat is dat nou voor lul excuus. Je weet toch nog wel wat je doet? Als je weet waar je aan begint weet je toch ook dat je ermee op kunt houden?”
“Dat is nou juist het punt. Fiona heeft echt geen idee dat ze het met Brenda heeft gedaan. Ze werd gisterochtend wakker in Brenda’s huis en had geen idee waar ze was en hoe ze er was gekomen.”
“Hoe ze er was gekomen? Myrthe zegt dat jij Fiona verdomme zelf bij Brenda in de auto hebt staan vouwen!”
Ik fronste. “Ik? Ik heb helemaal niemand in een auto staan proppen. Ik weet zelf nota bene zelf niet eens meer hoe ik ben thuis gekomen.”
“Ach joh, rot nou toch op. Jij en Cat hebben haar gewoon bij Brenda in de auto gezet en vervolgens zijn jullie in een taxi gekropen. Sjonge jonge, hadden jullie haar nou niet gewoon even thuis af kunnen zetten?”
Ik raakte geïrriteerd. “Zeg dim jij eens even, waar was jij dan?”
Het bleef even stil. “Ja... dat weet ik eigenlijk niet zo goed...”
Ik zuchtte. “Volgens mij hadden we allemaal een paar slokken te veel op.
Marga snoof, maar kalmeerde wel iets. “Ja, dat is ook zo, maar dat is toch nog geen excuus?.”
“Weet je Marg, misschien moet je Brenda eens vragen hoe het precies zit. Er zijn twee mensen voor nodig om met elkaar naar bed te gaan.”
“Jah godver, wat heb ik nou aan jou.”
De verbinding werd abrupt verbroken.
 
Ik liep gefrustreerd terug naar mijn bureau, waar Dedlev en John me verwachtingsvol aankeken.
“En, klaar met mediaten?” vroeg John lachend.
Dedlev schoof een stuk papier naar me toe. “Hier, lees even. Kunnen we aan de slag.”
“Ik heb een deadline, weet je nog?”
Ja, ja, maar dit moeten we even doornemen.”
“We?”
“Ja, we. Het kan er dit weekend nog door. Dat betekent alleen wel dat we door zullen moeten werken.”
“Maar ik kan niet, ik ga met Cat een weekendje weg...”
“Dat moet dan opgeschoven worden, dit is belangrijk”, wierp Dedlev tegen.
Ik staarde hem vol ongeloof aan. Toen verplaatste ik mijn blik naar John, die me alleen maar geamuseerd aankeek en het zelfs waagde om te knipogen.
 
Ik had hem moeten slaan, wurgen, neerknallen, aftuigen, vierendelen, castreren, martelen, onthoofden, levend begraven...
 
In plaats daarvan stond ik hem alleen maar uitdrukkingloos aan te staren. Waarom lukte het me gewoon niet om een gruwelijke hekel aan hem te hebben...?

Marga, Fiona en Brenda in een loeiharde ruzie, té veel deadlines op d'r werk en tot overmaat van ramp die John weer over de vloer... Hoe gaat Do dit oplossen? Volgende week meer!