Paringsdans

Dominique | Lesbisch Feuilleton | Aflevering 57

Gepubliceerd op: 21 november 2005

Paringsdans
Do is niet blij met zichzelf en besluit na doelloos te hebben rondgereden haar excuses aan Fiona aan te bieden. De vriendinnen borrelen hun ruzie weg bij Fiona thuis. Do besluit na lang nadenken dan toch eindelijk Cat te bellen, waarna deze naar haar toe komt. Net als alles weer goed lijkt, blijkt Do onverwacht toch nog iets uit te moeten leggen...
 
Hoe lang ik al had rondgereden wist ik niet en waar ik precies was eigenlijk ook niet. De woordenwisseling met Fiona baarde me zorgen. Was ik dan zo onmogelijk? Hoe kwam het dat ik zo op haar reageerde, terwijl juist zij me altijd overal in heeft gesteund. Ik had zin om in diepe zelfmedelijden te verzanden, omdat ik me nu eenmaal ellendig voelde en dat dus mocht van mezelf. Ik werd er niet vrolijker op. Dat moet het verkeer om me heen ook gemerkt hebben. Bij elke inhaalmanoeuvre kwam er wel een middelvinger aan te pas of schold ik de voorbij razende automobilist de huid vol. Ik zette de muziek nog harder, hopende mijn eigen stemming en gedachtegang te overstemmen. Ook dat hielp niet. Uiteindelijk reed ik de afslag af om terug te kunnen keren naar huis.
 
Ik greep naar mijn mobiel die op de bijrijders stoel  lag en belde Fiona. “Schat, het spijt me van daarnet. Ben je thuis?”
“Dat ligt eraan, ben je afgekoeld?”
Ik grinnikte. “Redelijk. Maar ik heb trek in een borrel, heb je wat in huis of moet ik iets meenemen?”
“Wat denk je zelf?”
We schoten tegelijk in de lach. Ik zei haar binnen een uurtje bij haar te zijn en hing op.
 
Fiona opende de deur en liet mem binnen. “Waar zat je eigenlijk?” Ze sloeg de deur achter me dicht en duwde me de woonkamer in. Op de salontafel stonden al twee glazen Campari klaar.
“Beetje doelloos rondgereden. Ik weet eerlijk gezegd even niet wat ik moet doen.”
“Nah, ga eerst eens zitten, je ziet eruit alsof je twee nachten niet geslapen hebt.”
“En het was er maar een...”
Ze plofte naast me neer en keek me fronsend aan.
 
“Ik maak me een beetje zorgen om je, Do. Ik weet dat je rare fratsen uit kunt halen als je minder lekker in je vel zit, maar je dreigt nu wel heel erg af te dwalen. Waarom heb je Cat bijvoorbeeld nog niet gebeld?”
 
Ik nam een grote slok en liet de drank even over mijn tong rollen alvorens deze door te slikken. “Omdat ik niet zo goed weet wat ik tegen haar moet zeggen.”
“Maar wat valt er nou echt te zeggen. Zij probeert jou juist te bereiken om haar excuses voor dat gedoe in Amsterdam aan jou aan te bieden. Waarom laat je haar zo lang wachten, omdat John een half uur op je bank heeft gezeten? Er is toch niets gebeurd? Waarom vertel je haar dat niet gewoon?”
“Omdat ik het nog nooit eerder over John heb gehad en dan wil ze van alles weten en daar heb ik nu juist geen zin in. Ik wil het helemaal niet ober hem hebben.”
 
“Heeft Cat jou gebeld?”
Fiona knikte en stak een sigaret op. “Ja, vanochtend. Ze is ongerust, daarom vind ik dat je haar moet bellen. Je maakt er meer van dan het is. En trouwens, zou jij niet alles van Cat willen weten? Als je je nu bedenkt dat ze iemand in haar leven heeft die jij niet kent en waarvan je niets weet, voelt dat dan prettig?”
Ik schudde mijn hoofd. “Nee natuurlijk niet, maar...”
“Niks maar, jij verwacht net zo goed van haar dat ze eerlijk tegen je is, over alles. Ik denk dat je er beter aan doet het haar gewoon te vertellen dan dat ze er per ongeluk via via een keer achterkomt.”
“Maar niemand weet het, dat zou dan alleen via jou kunnen gebeuren.”
Fiona proestte. “Nou daar hoef je echt niet bang voor te zijn hoor, dan had ik dat toch allang kunnen doen? Ik heb echt geen zin om olie op het vuur te gooien, heb ik het straks gedaan.” Ze nam een trek van haar sigaret en inhaleerde diep. “Nee Do, je zult een beetje volwassen moeten worden en verantwoording moeten dragen voor je escapades.”
 
Ik verslikte me bijna. “Volwassen worden? Ik zie gewoon niet in wat er relevant aan is om Cat over John te vertellen.”
“Als dat echt zo was zou het je niet zo hoog zitten. Jij nog een?”
Het was pas het eind van de middag, maar het smaakte nu eenmaal heel erg goed en dus knikte ik gretig. “Ik heb nog niet eens gegeten, misschien moet ik dit helemaal niet willen.”
“Luister”, zei Fiona terwijl ze me bijschonk, “je mag echt wel een nachtje op de bank. Alleen zie ik het niet zitten dat je hier komt schuilen om Cat te ontlopen. Dat voelt voor mij niet goed. Ik hoop er ergens nog een hersencel werkt bij je om dat te kunnen begrijpen.”
“Ik ben gewoon niet goed in dat soort dingen.”
“Misschien moet je eens een stap tegelijk zetten. Bel Cat, maak het goed en that’s it. Meer is er toch ook niet?”
 
Ik nam nog een slok en dacht na. Ergens had ze gelijk. Ik zou Cat alleen maar hoeven bellen. We zouden er zeker samen uitkomen. En die matpartij kon ik ‘r ook nog wel vergeven, al was ik wel benieuwd hoe het nu verder moest, nu het zo’n zooitje was tussen iedereen. Jorinde en Tamar zouden we misschien voorlopig niet zien. Marga konden we ook best een tijdje missen en Myrthe maakte zich over het algemeen al helemaal nergens druk om.
 
“Weet je wie me ook nog heeft gebeld? Brenda.”
Ik trok mijn wenkbrauwen op. “Wat wilde ze?”
“Ja, dat bleef een beetje vaag. Ze wilde in ieder geval langs komen.”
“En, wat heb je gezegd?”
Fiona pafte intussen de ene na de andere sigaret weg. “Dat ik daar niet zo’n zin in had.”
“Zei ze nog iets over gisteren?”
“Niet veel. Ze begreep niet zo goed wat er nu precies aan de hand was. Of dat altijd zo ging tussen ons. Ik heb maar ja gezegd, blijft ze misschien een tijdje weg.”
We grinnikten.
 
“Volgens mij zit ze nog steeds achter je aan.”
Fiona murmelde iets onverstaanbaars en dronk haar glas leeg, om ‘m meteen daarop weer vol te schenken. “Nou het was even leuk in het kopieerhok, maar meer ook niet hoor.” Ze nam het glas uit mijn handen en keek me serieus aan. “Als je nou niet te veel drinkt en in de in de auto stapt om naar huis te rijden, bel je Cat op om te vragen of ze naar je toe komt. Kiss and make up.”
Ik keek haar met een flauwe glimlach aan. “Ja, misschien moet ik dat maar doen.” Ik haalde even mijn hand door haar rode krullen. “Wat moet ik toch zonder je.”
“Zonder mij hoef je nooit, maar als je zo doorgaat moet je op een dag nog eens echt zonder Cat en dat zou ik heel erg vinden.”
Ik liet mijn blik op de salontafel rusten en zuchtte diep. “Ja... ik ook.”
 
Later...
 
Met trilende vingers toetste ik het nummer van Cat in. Ze nam vrijwel direct op.
“Lieverd, wat ben ik blij om je eindelijk te horen.”
Haar warme stem deed mijn hartje een slag over slaan. “Ja, ik ook”, zei ik schor.
“Zal ik naar je toe komen?” vroeg ze aarzelend.
Ik slikte even. “Ja, graag...”
“Oké, zie je me zo.”
 
Een klein half uurtje later liet ik haar binnen. We draalden een beetje in de hal, waarna Cat een stap in mijn richting deed en me vastpakte. “Kom nu maar eens bij me, kleine druktemaker.”
Ik moest lachen. “Moet jij zeggen.” Ik hield haar dicht tegen me aan. Wat was het heerlijk om haar warmte weer te voelen. Cat streelde mijn haren en drukte er zacht kleine kusjes in. We liepen hand in hand naar boven.
“Zal ik koffie voor je maken, kan het zelf eigenlijk ook wel gebruiken. Kom net bij Fiona vandaan en heb wat Campari in mijn nuchtere maag gegoten.”
Cat lachte en liet me los. Ze liep de woonkamer in en ging op de bank zitten.
Even later zette ik twee dampende koffiemokken op tafel en kroop lekker dicht tegen haar aan.
 
Cat legde een vinger onder mijn kin en tilde mijn gezicht iets op. “Het spijt me van gisternacht schatje, ik liet me vreselijk provoceren.”
Ik haalde mijn schouders op. “Ik begrijp je boosheid jegens Jorinde echt wel, het was alleen zo, zo ordinair. Zo’n vechtpartij, dat past helemaal niet bij je.”
Cat lachte. “Nee vertel mij wat. Ik schaam me dood. Ik had Jorinde gewoon even apart moeten nemen als ik mijn frustratie had willen uiten. Het was iets tussen haar en mij en nu kon half Amsterdam meegenieten.”
“Heb je nog iets van ze gehoord?”
Ze schudde haar hoofd. “Alleen Myrthe belde me om te vragen of ik al een beetje was bijgetrokken. Verder heb ik niemand gesproken. Jij, behalve Fiona?”
 
Ik schudde eveneens mijn hoofd, dacht heel even aan John en schudde opnieuw met mijn hoofd. “Nee”, zei ik zacht en hield mijn blik op haar spijkerbroek gericht.
 
Cat kuste me liefdevol en reikte naar haar koffie. Ze verplaatste haar blik naar het kleine houten bijzettafeltje naast de leunstoel. “Sinds wanneer rook jij sigaren?”
Ik keek haar niet begrijpend aan en volgde haar blik naar het kleine houten tafeltje, waarop een doosje cigarillo’s lag. De sigaren van John.
Ik slikte moeizaam. “Ik eh...”
 
Veel meer kwam er niet uit. Ik was van mijn stuk gebracht en had geen idee wat ik in hemelsnaam moest zeggen.

Meer lezen?

- Paringsdans archief >>>