Paringsdans

Dominique | Lesbisch Feuilleton | Aflevering 40

Gepubliceerd op: 27 juni 2005

Paringsdans
De meiden vallen het huis van Dominique binnen waar ze stuiten op Irma en Eliza. Zal het ze eindelijk lukken die twee te stoppen of zijn ze de dames wederom te slim af...?

 
Ik staarde naar boven en aarzelende even. Cat kneep zacht in mijn hand. “Ik vind dit geloof ik toch niet zo’n goed idee”, zei ze zacht.
Ik haalde mijn schouders op. Myrthe kwam naast me staan. “Zullen we dan maar, misschien gaat het een stuk gemakkelijker dan wij nu denken.” Ze liep vooruit en beklom de trappen van mijn portiek.
Jorinde volgde haar en draaide zich halverwege naar ons om. “Komen jullie nog?”
Cat verstevigde haar greep en trok me zachtjes mee naar boven. Fiona volgde in onze kielzog.
 
We stonden voor mijn deur, waartegen ik mijn oor te luister legde. “Ik hoor niks”, fluisterde ik.
“Dat zegt toch niks? De baby ligt te pitten en Eliza en Irma smeden plannetjes om te verdwijnen”, siste Myrthe.
“Misschien liggen ze het wel te doen”, opperde Jorinde. We keken haar bestraffend en diepfronsend aan. Fiona gaf haar zelfs een por. “Jij weet ook niet wat tact is hè?”
 
Ik stak voorzichtig de sleutel in het slot en draaide hem om. De deur ging langzaam open waarna ik op mijn tenen naar binnen stapte.
 
Plan A was om Irma te overmeesteren, haar mee te nemen, te droppen bij de politie en Eliza met baby terug te brengen naar haar ouders, die dan op hun beurt konden zorgen dat ze terugkwam in de kliniek.
 
Ik had ook zo’n vermoeden dat Irma en de vrouw op dat bureau elkaar goed kennen.  Hoewel ik het niet zeker wist natuurlijk, maar op de een of andere manier zei een stem in mijn achterhoofd dat dat wel eens haar moeder zou kunnen zijn. Irma mocht wat mij betreft dus samen met haar tekst en uitleg geven over de inbraak en het stalken, al had ik niet de illusie dat dit laatste zoveel zou opleveren, een straatverbod was misschien het hoogst haalbaar.
 
Een plan B hadden we niet echt en de eerste vond ik eigenlijk al niet erg sterk, maar Fiona wilde koste wat het kost niet dat Eliza met baby en al op het politiebureau terecht zou komen. Ergens begreep ik haar wel, maar Eliza was wel medeplichtig in het hele verhaal. Ik was er namelijk van overtuigd dat ze van begin af aan heeft geweten van Irma's bedreigingen aan mijn adres en dat zij haar mijn telefoonnummer had gegeven. Dat was gemakkelijk voor haar geweest, ze had alleen de mobiel van Fiona maar hoeven checken tenslotte. Naar mijn mening was ze zich überhaupt zeer goed bewust van de plannen van Irma en heeft ze ze zelfs mede gesmeed.
 
We stonden nu alle vijf onderaan de trap en keken elkaar aan, afwachtend wie de eerste stap zou zetten. We spraken niet, maar probeerden in een soort gebarentaal die we van elkaar eigenlijk niet begrepen, duidelijk te maken wat er nu gebeuren moest. Het zag eruit alsof we ieder onze eigen muggeninvasie aan het wegzwaaien waren.
 
Ik slaakte een diepe zucht, verzamelde al mijn moed en zette zachtjes een voet op de onderste trede.
 
Toen ik boven kwam trof ik een lege woonkamer aan. Hier en daar lagen wat babyspullen verspreid, evenals kleding en tijdschriften. Ik kreeg er de kriebels van, om mijn eigen huis zo rommelig aan te treffen. Fiona liep op haar tenen langs me heen en keek vluchtig in het rond. Ze wees met een vinger naar het plafond. Boven inderdaad. We schuifelden de kamer weer uit en bleven even staan bij de trap naar de slaapkamers. Ineens bekroop me een vaag onheilspellend gevoel. Ik wilde ook beslist niet met lege handen naar boven. Ik moest me op de een of andere manier ergens mee kunnen verdedigen.
 
Fiona keek me schichtig aan. Ze begreep niet waarom ik nu weer zo aarzelde. Ik negeerde mijn gevoel van zo-even en zette koers naar boven. Het was behoorlijk donker. Het raam op de overloop was volledig afgeplakt met een handdoek en tape. Er kwam geen spoortje licht meer naar binnen. Ik gebaarde Fiona aan de ene kant van de deurpost te gaan staan, terwijl ik positie innam tegenover haar. Ik maakte duidelijk dat we bij ‘drie’ de kamer maar gewoon moesten binnengaan. Ik telde geluidloos op mijn vingers en duwde zacht de deur open.
 
Ik zag twee lichamen onder het dekbed liggen, mijn dekbed nota bene en heel even trok ik een vies gezicht. Daar moest ik me direct weer overheen zetten. In de hoek van de kamer stond iets wat op een wieg leek. Fiona liep op het puntje van haar tenen achter me aan naar binnen. Ik gebaarde dat zij de baby moest meenemen, dan was die tenminste veilig voor de pleuris eventueel uit zou breken.
 
Voorzichtig tilde Fiona het kleine mannetje tussen de lakens vandaan en liep er zachtjes mee richting de overloop. De dreumes maakte wat korte geluidjes in z’n slaap. Fiona en ik keken elkaar met grote ogen aan, bang dat Eliza en Irma lichte slapers waren en wakker zouden worden. Mijn bange vermoedens kwamen uit. Als gestoken door een wesp schoot het grootste lijf overeind en klikte meteen het licht aan. We werden erdoor verblind en heel even was ik compleet gedesoriënteerd.
 
Wat er daarna gebeurde ging heel snel. Zo snel, dat ik voor ik het wist op de grond lag met een pijnlijk achterhoofd en een hoop herrie hoorde, maar toptaal niet kon inschatten waar dat vandaan kwam.
 
Plotseling zag ik het betraande en van woede verwrongen gezicht van Eliza voor me. Ze was wel een beetje wazig, de klap op mijn hoofd had me duizelig gemaakt.
 
“Zie je nou wat er van komt Dominique”, hoorde ik haar als in slowmotion schreeuwen. “Dit was niet gebeurd als je gewoon bij me was gebleven. Jij en ik horen bij elkaar.”
 
Ik probeerde op te staan, maar ze duwde me terug. Ik had geen idee wat er in de rest van het huis gebeurde. Er was lawaai en ik zag Jorinde voorbij schieten, die doelloos in het rond leek te rennen. Eliza pakte mijn gezicht in beide handen en drukte haar lippen op de mijne. Ze duwde haar tong naar binnen en bleef me kussen. Ik probeerde me los te rukken, maar had de kracht niet. Mijn hoofd wegdraaien was ook al geen optie, haar greep verstevigde zich daardoor alleen maar. Eindelijk trok ze zich terug en keek me diep in de ogen. “Ik blijf op je wachten Dominique. Altijd.” Ze liet los en sprintte de trap af naar beneden.
 
Myrthe kwam de slaapkamer binnengestoven en trok me overeind. “Kom, Cat heeft Irma in de houtgreep, we kunnen haar nu de auto inkrijgen.” Ze ondersteunde me en liepen naar beneden.
“Eliza...” mompelde ik. Myrthe zette me op de bank. “Die heeft Jorinde min of meer opgevangen.” Ze knikte met haar hoofd naar de hal beneden. Nu pas drong het tot me door dat Eliza werkelijk schreeuwde als een speenvarken, terwijl Jorinde haar stevig vasthield. “Kan er geen prop in”, siste Fiona die een krijsende baby probeerde stil te krijgen. “Wat, in Eliza of de baby?” vroeg Myrthe.
 
Fiona liep naar de keuken. “Ik blijf wel hier met dit joch, zorgen jullie dat die twee op het bureau terecht komen.”
“Op het bureau? Je wilde Eliza toch naar huis brengen?” vroeg Myrthe verbaasd. Fiona schudde haar hoofd. “Nee, bel de politie maar. Ze schreeuwen de hele buurt bij elkaar. Anders doet een van de buren het zo wel.”
 
In de woonkamer zat Cat bovenop een lang en slank figuurtje met lang donkerblond haar dat in slierten langs haar bleke gezicht hing en die kronkelend onder Cat vandaan probeerde te komen. Ze schreeuwde haar alles toe wat mooi en lelijk was. “Bel in godsnaam de politie, ik houd haar niet lang meer.”
 
“Ze is weg, ze gaat ervandoor!” schreeuwde Jorinde van beneden. Ze kreeg bijna de dichtklappende deur in haar gezicht en zag Eliza nog net de hoek van de straat om spurten. Ik kwam weer enigszins bij mijn positieven. Myrthe rende met de telefoon tegen haar oor naar beneden en blèrde van alles in de hoorn om de politie maar zo snel mogelijk naar mijn huis te krijgen. “Vraag naar Brenda”, riep Fiona haar na vanuit de keuken.
 
Ik wilde Cat assisteren door Irma’s benen te grijpen, maar ze trapte wild naar achteren en opnieuw belandde ik met mijn hoofd tegen de muur. Alles werd mistig en vervolgens helemaal zwart.


Later...
Ergens in de verte hoorde ik mijn naam. De stem kwam me vaag bekend voor. Ik probeerde mijn ogen open te doen, wat bestraft werd met een enorme steek door mijn hoofd. Er kwam flauw licht door de streepjes van mijn oogleden. Langzaam ontwarden mijn wimpers zich en keek ik in het lief glimlachende gezicht van Cat. Ze streelde zachtjes mijn voorhoofd en kuste me licht op de neus.
 
Ik had geen idee van waar ik was. Cat gebaarde me rustig te blijven liggen. Ik slikte een paar keer. Haar glanzende grijze ogen stonden warm. Haar hand stevig in de mijne. “Wat is er gebeurd?” fluisterde ik.
Cat boog zich dichter naar me toe. “Van alles. We hebben Irma kunnen uitleveren aan de politie.”
Ik sloot mijn ogen weer even. Ik herinnerde me de eerste kap tegen mijn hoofd en ook dat Irma me met haar voet had geraakt, waardoor ik tegen de muur kwakte.
“Die vrouw die gearresteerd was voor de inbraak bij Fiona bleek haar moeder te zijn, wist jij dat?”
 
Ik knikte licht en voelde mijn hersenen van voor naar achter glijden.
“Concentreer jij je nu maar op je herstel, van Irma zullen we voorlopig niets meer horen.”
Ik deed mijn ogen weer dicht, om ze praktisch direct weer open te sperren en draaide mijn pijnlijke hoofd naar Cat. “En Eliza?”
Cat bevochtigde haar lippen en probeerde te glimlachen. “Daar wordt aan gewerkt.”
Ik schudde zachtjes niet begrijpend mijn hoofd. “Aan gewerkt?”
 
“Ja”, zei Cat. “Ze is nog altijd zoek.”


Lees volgende week weer een gloednieuwe Paringsdans!
Draad een beetje kwijt? Lees het archief. Zie de link hiernaast.