Paringsdans
Dominique | Lesbisch Feuilleton | Aflevering 31
Gepubliceerd op: 10 april 2005
De meiden gingen naar Breda om uit te zoeken wat nu precies aan de hand is met die Eliza. Daar kwamen ze een 'oude bekende' van Eliza tegen, die met zijn eigen verhaal opeens alles in een heel nieuw licht zette.
We reden terug naar huis. Myrthe zat bij me op schoot op de achterbank, Jorinde en Tamar innig verstrengeld naast ons. Cat had haar stoel iets naar achteren geschoven en lag met gestrekte benen achterover geleund. Marga concentreerde zich op de weg. Niemand zei iets.
Voor me doemde de prachtig verlichte skyline van mijn geliefde stad op. Alle nieuwe informatie over Eliza bleef maar door mijn hoofd spoken. Ze bleek ineens moeder te zijn. Ze was praktisch zelf nog een kind. Of nou ja, ze leek mij in elk geval te jong om een dergelijke verantwoording te kunnen dragen.
Na twee cafés te hebben aangedaan, waarbij we op het spoor van Irma kwamen en in de armen van haar broer liepen, bereikten we onze eindbestemming van de avond; de ouderlijke woning van Eliza. Ik was erop gebrand verhaal te halen bij Eliza’s ouders, maar toen we op aanwijzen van Patrick eindelijk bij het juiste adres aangekomen waren was alles donker en durfden we niet aan te bellen omdat het al zo laat was.
“Lieverd, hoe graag ik het ook willen doen, ik geloof niet dat we ons er populair mee maken als we die mensen nu uit bed trommelen”, had Cat gefluisterd bij het tuinhek. Ik wist dat ze gelijk had. We besloten terug te rijden en de volgende dag te bedenken hoe we dit nu het beste zouden kunnen aanpakken.
Hoe langer ik erover nadacht, des te minder logica ik in het verhaal kon ontdekken. De baby, ik wist niet eens of het een jongetje of een meisje was - we waren te verbouwereerd geweest om ernaar te vragen - was slechts een paar maanden oud. Het stalkingsverhaal van Irma speelde langer geleden. De vete tussen Patrick en Eliza hoeft niets te maken te hebben met die tussen Irma en Eliza. De reden waarom Patrick zijn kind niet mocht zien was me niet duidelijk. Daarvoor hadden we te kort met hem gesproken. Achteraf voelde ik me wel een beetje schuldig, ik was zo bezig met mijn eigen kruistocht tegen Eliza dat ik zijn ellende in verhouding tot de mijne simpelweg een stuk minder belangrijk vond.
“Wat een stel draken zijn we eigenlijk”, verbrak ik de stilte.
Cat draaide haar hoofd om. “Hoezo?”
“Nou, niemand van ons heeft de moeite genomen aan Patrick te vragen wat het allemaal met hem doet. Die jongen is vader en mag zijn eigen kind niet eens zien. Het enige waar wij mee bezig waren is om zo snel mogelijk verhaal te kunnen halen bij Eliza’s ouders.”
Jorinde richtte haar hoofd op van Tamars borst. “Ja god zeg, we stonden daar allemaal als aan de grond genageld. Ik wist echt niet wat ik moest zeggen.”
Myrthe knikte instemmend.
“Toch hè, vind ik het allemaal een beetje dubieus”, zei ik fronsend.
“Wat schat?’ vroeg Cat.
“Alles. Eliza is duidelijk gevlucht. Ze vond Fiona de ideale uitweg en liet alles achter, inclusief haar kind, blijkt nu. Even los van hoe ze zich heeft gedragen naar mij, misschien is er meer aan de hand dan wij weten.”
“Ja, wie laat nou zomaar haar kind achter?” vroeg Marga zich hardop af vanachter het stuur.
“Ja precies. Dat doe je toch niet zomaar?” reageerde ik en keek naar Cat. “Even alles op een rijtje. Fiona ontdekt Eliza in een suikerspinkraam in de Efteling. Eliza ziet direct dat Fiona wel heel erg in haar geïnteresseerd is en grijpt dat aan om zich ergens van los te weken, volgens ons haar ouders..”
“Maar dat is toch ook zo?” onderbrak Myrthe me.
“Jawel, maar waarom? Alleen maar vanwege dat stomme geloof? Dat denk ik niet. Nu ik weet dat ze een kind heeft, denk ik dat er iets heel anders speelt.”
Vier paar ogen keken me niet begrijpend aan. Die van Marga switchten tussen de achteruitkijkspiegel en de voorruit.
“Ze maakt een afspraak met Fiona terwijl ze weet dat haar vader absoluut niet wil dat ze op zondag de deur uitgaat”, vervolgde ik. “Ze wilde alleen maar zeker weten of Fiona daadwerkelijk zou komen opdagen. Of ze serieus was. Toen dat het geval bleek, zette ze een of ander plan in werking, waar ze naar mijn idee heel goed over na heeft gedacht.”
“En dat in slechts één nacht”, schamperde Cat.
Ik negeerde de sarcastische ondertoon en wilde mijn relaas voortzetten, maar Tamar onderbrak me. “Do, ze wilde niet alleen dat Fiona naar haar toekwam, ze hoopte vooral dat jij mee zou komen.”
Ik opende mijn mond om tegen haar in te gaan, maar bedacht me dat ze wel eens gelijk kon hebben.
“Ja, getuige haar gedrag bij Cat op de overloop denk ik ook dat het haar niet zozeer te doen was om Fiona, maar om jou”, zei Myrthe.
Verdomme, daar ging mijn theorie.
“Oké, laat dat dan zo zijn. Ze vlucht naar Fiona, hals over kop en laat haar kind achter bij haar ouders....”
“Wat raar trouwens dat haar moeder daar niets over heeft gezegd toen ze bij Fiona was”, gooide Tamar opnieuw roet in mijn eten.
Ik zuchtte vermoeid.
“Inderdaad”, veerde Cat op, “heel scherp Tamar, dat snap ik dus ook niet.”
Jorinde ging nu helemaal rechtop zitten, voor zover dat mogelijk was. “Nou zo raar is dat niet, die moeder heeft gewoon heel voorzichtig willen zijn. Als ze over de baby was begonnen zou Eliza alleen maar meer in haar schulp zijn gekropen en sowieso niet mee zijn gegaan naar huis.”
“Dat ligt er maar net aan, ze had het ook kunnen gebruiken om haar juist wel mee te krijgen”, bemoeide Marga zich er nu ook mee.
“Huh?” reageerde Myrthe verward.
“Ze had haar op haar verantwoordelijkheden kunnen wijzen ten opzichte van haar kind en lak kunnen hebben aan het idee dat Fiona daar op dat moment helemaal niets van wist. En nu nog niet, volgens mij.”
“Wat ik maar aan wilde geven”, zei ik uiteindelijk, “Is dat het hele stalkingsverhaal van Irma wel eens anders in elkaar zou kunnen steken. Dat het misschien juist andersom is geweest.”
“Wat, dat die Irma Eliza heeft gestalkt?” vroeg Jorinde ongelovig.
“Ja, dat denk ik dus. Ik denk dat het iets met Patrick te maken heeft.”
“Schat, ik volg je niet meer hoor”, zei Cat hoofdschuddend.
“Ik denk dat Irma jaloers is geweest op het feit dat haar broer iets met Eliza had, terwijl zij juist verliefd was op Eliza”, zei ik langzaam.
Het bleef even stil.
“Maar daarmee vallen niet alle puzzelstukjes in elkaar hoor”, zei Cat.
“Nee, maar wel al een heel klein deel”, zei Jorinde voor zich uit starend.
Marga parkeerde bij Cat voor de deur en we liepen met z’n allen naar binnen.
“Ik heb veel drank nodig”, zei Myrthe en dook de koelkast in. “Jullie ook?”
Even later hingen we onderuitgezakt op de bank. Het was inmiddels half drie. Ik nam een slok van mijn Campari en voelde ineens een enorme behoefte opkomen om Fiona te bellen. Ik miste haar en wilde weten hoe het met haar was. Zij stond aan de andere kant. Ik was benieuwd wat zij nu eigenlijk allemaal wist of in ieder geval dacht. Bellen durfde ik niet, bang dat ze al zou slapen. Ik pakte mijn mobiel uit mijn tas en stuurde haar een berichtje, waarin ik kort vroeg hoe het ging, zei dat ik haar miste en aangaf dat ik hoopte haar snel weer te zien.
Nog geen halve minuut later kreeg ik een berichtje terug.
Mis jou ook. Geen idee in wat voor gat ik ben gevallen, maar hoop dat jij een ladder hebt. Fioon.
Ik lachte vreugdeloos.
“Weer zo’n naar ding?” vroeg Cat argwanend.
Ik schudde mijn hoofd. “Nee, dit is Fiona. Ik denk dat het haar ook allemaal een beetje te veel is.”
Ik stuurde een berichtje terug.
We zitten bij Cat, stevig aan de drank.
Opnieuw trilde mijn mobiel.
Welja, dat zuipt maar en dat doet maar. Drink er voor mij ook een, wil je.
Het deed me goed weer on speaking terms te zijn met haar.
Waarom kom je er zelf niet een naar binnen gieten?, vroeg ik.
Het duurde even voor ik weer van haar hoorde.
Zou wel willen. Maar is al laat. Morgen iets afspreken?
Ik aarzelde. Dan zou ik Eliza ook zien en daar had ik geen trek in.
Jij en ik samen afspreken?, opperde ik.
Zit niets anders op. Eliza is weg.
Mijn wenkbrauwen schoten omhoog en mijn vingers gleden verwoed over de toetsen.
Hoezo weg?
“Hoe is het met ‘r?” vroeg Cat tussendoor.
Ik gaf geen antwoord. De adrenaline spoot door mijn aderen.
“Nou kom op dan”, zei ik zacht.
Ze is naar Breda. Zei dat ze zou terugkomen. Ze moest iets ophalen. Weet het allemaal even niet meer.
Iets ophalen?
Zei ze ook wat?
Weer even later kreeg ik antwoord.
Iets dat van haar is en bij haar hoort. Snap er nix van. Veel meer dingen die ik niet begrijp. Misschien jij wel.
Ja, dacht ik. Steeds beter zelfs...
Volgende week zondag meer Paringsdans!
We reden terug naar huis. Myrthe zat bij me op schoot op de achterbank, Jorinde en Tamar innig verstrengeld naast ons. Cat had haar stoel iets naar achteren geschoven en lag met gestrekte benen achterover geleund. Marga concentreerde zich op de weg. Niemand zei iets.
Voor me doemde de prachtig verlichte skyline van mijn geliefde stad op. Alle nieuwe informatie over Eliza bleef maar door mijn hoofd spoken. Ze bleek ineens moeder te zijn. Ze was praktisch zelf nog een kind. Of nou ja, ze leek mij in elk geval te jong om een dergelijke verantwoording te kunnen dragen.
Na twee cafés te hebben aangedaan, waarbij we op het spoor van Irma kwamen en in de armen van haar broer liepen, bereikten we onze eindbestemming van de avond; de ouderlijke woning van Eliza. Ik was erop gebrand verhaal te halen bij Eliza’s ouders, maar toen we op aanwijzen van Patrick eindelijk bij het juiste adres aangekomen waren was alles donker en durfden we niet aan te bellen omdat het al zo laat was.
“Lieverd, hoe graag ik het ook willen doen, ik geloof niet dat we ons er populair mee maken als we die mensen nu uit bed trommelen”, had Cat gefluisterd bij het tuinhek. Ik wist dat ze gelijk had. We besloten terug te rijden en de volgende dag te bedenken hoe we dit nu het beste zouden kunnen aanpakken.
Hoe langer ik erover nadacht, des te minder logica ik in het verhaal kon ontdekken. De baby, ik wist niet eens of het een jongetje of een meisje was - we waren te verbouwereerd geweest om ernaar te vragen - was slechts een paar maanden oud. Het stalkingsverhaal van Irma speelde langer geleden. De vete tussen Patrick en Eliza hoeft niets te maken te hebben met die tussen Irma en Eliza. De reden waarom Patrick zijn kind niet mocht zien was me niet duidelijk. Daarvoor hadden we te kort met hem gesproken. Achteraf voelde ik me wel een beetje schuldig, ik was zo bezig met mijn eigen kruistocht tegen Eliza dat ik zijn ellende in verhouding tot de mijne simpelweg een stuk minder belangrijk vond.
“Wat een stel draken zijn we eigenlijk”, verbrak ik de stilte.
Cat draaide haar hoofd om. “Hoezo?”
“Nou, niemand van ons heeft de moeite genomen aan Patrick te vragen wat het allemaal met hem doet. Die jongen is vader en mag zijn eigen kind niet eens zien. Het enige waar wij mee bezig waren is om zo snel mogelijk verhaal te kunnen halen bij Eliza’s ouders.”
Jorinde richtte haar hoofd op van Tamars borst. “Ja god zeg, we stonden daar allemaal als aan de grond genageld. Ik wist echt niet wat ik moest zeggen.”
Myrthe knikte instemmend.
“Toch hè, vind ik het allemaal een beetje dubieus”, zei ik fronsend.
“Wat schat?’ vroeg Cat.
“Alles. Eliza is duidelijk gevlucht. Ze vond Fiona de ideale uitweg en liet alles achter, inclusief haar kind, blijkt nu. Even los van hoe ze zich heeft gedragen naar mij, misschien is er meer aan de hand dan wij weten.”
“Ja, wie laat nou zomaar haar kind achter?” vroeg Marga zich hardop af vanachter het stuur.
“Ja precies. Dat doe je toch niet zomaar?” reageerde ik en keek naar Cat. “Even alles op een rijtje. Fiona ontdekt Eliza in een suikerspinkraam in de Efteling. Eliza ziet direct dat Fiona wel heel erg in haar geïnteresseerd is en grijpt dat aan om zich ergens van los te weken, volgens ons haar ouders..”
“Maar dat is toch ook zo?” onderbrak Myrthe me.
“Jawel, maar waarom? Alleen maar vanwege dat stomme geloof? Dat denk ik niet. Nu ik weet dat ze een kind heeft, denk ik dat er iets heel anders speelt.”
Vier paar ogen keken me niet begrijpend aan. Die van Marga switchten tussen de achteruitkijkspiegel en de voorruit.
“Ze maakt een afspraak met Fiona terwijl ze weet dat haar vader absoluut niet wil dat ze op zondag de deur uitgaat”, vervolgde ik. “Ze wilde alleen maar zeker weten of Fiona daadwerkelijk zou komen opdagen. Of ze serieus was. Toen dat het geval bleek, zette ze een of ander plan in werking, waar ze naar mijn idee heel goed over na heeft gedacht.”
“En dat in slechts één nacht”, schamperde Cat.
Ik negeerde de sarcastische ondertoon en wilde mijn relaas voortzetten, maar Tamar onderbrak me. “Do, ze wilde niet alleen dat Fiona naar haar toekwam, ze hoopte vooral dat jij mee zou komen.”
Ik opende mijn mond om tegen haar in te gaan, maar bedacht me dat ze wel eens gelijk kon hebben.
“Ja, getuige haar gedrag bij Cat op de overloop denk ik ook dat het haar niet zozeer te doen was om Fiona, maar om jou”, zei Myrthe.
Verdomme, daar ging mijn theorie.
“Oké, laat dat dan zo zijn. Ze vlucht naar Fiona, hals over kop en laat haar kind achter bij haar ouders....”
“Wat raar trouwens dat haar moeder daar niets over heeft gezegd toen ze bij Fiona was”, gooide Tamar opnieuw roet in mijn eten.
Ik zuchtte vermoeid.
“Inderdaad”, veerde Cat op, “heel scherp Tamar, dat snap ik dus ook niet.”
Jorinde ging nu helemaal rechtop zitten, voor zover dat mogelijk was. “Nou zo raar is dat niet, die moeder heeft gewoon heel voorzichtig willen zijn. Als ze over de baby was begonnen zou Eliza alleen maar meer in haar schulp zijn gekropen en sowieso niet mee zijn gegaan naar huis.”
“Dat ligt er maar net aan, ze had het ook kunnen gebruiken om haar juist wel mee te krijgen”, bemoeide Marga zich er nu ook mee.
“Huh?” reageerde Myrthe verward.
“Ze had haar op haar verantwoordelijkheden kunnen wijzen ten opzichte van haar kind en lak kunnen hebben aan het idee dat Fiona daar op dat moment helemaal niets van wist. En nu nog niet, volgens mij.”
“Wat ik maar aan wilde geven”, zei ik uiteindelijk, “Is dat het hele stalkingsverhaal van Irma wel eens anders in elkaar zou kunnen steken. Dat het misschien juist andersom is geweest.”
“Wat, dat die Irma Eliza heeft gestalkt?” vroeg Jorinde ongelovig.
“Ja, dat denk ik dus. Ik denk dat het iets met Patrick te maken heeft.”
“Schat, ik volg je niet meer hoor”, zei Cat hoofdschuddend.
“Ik denk dat Irma jaloers is geweest op het feit dat haar broer iets met Eliza had, terwijl zij juist verliefd was op Eliza”, zei ik langzaam.
Het bleef even stil.
“Maar daarmee vallen niet alle puzzelstukjes in elkaar hoor”, zei Cat.
“Nee, maar wel al een heel klein deel”, zei Jorinde voor zich uit starend.
Marga parkeerde bij Cat voor de deur en we liepen met z’n allen naar binnen.
“Ik heb veel drank nodig”, zei Myrthe en dook de koelkast in. “Jullie ook?”
Even later hingen we onderuitgezakt op de bank. Het was inmiddels half drie. Ik nam een slok van mijn Campari en voelde ineens een enorme behoefte opkomen om Fiona te bellen. Ik miste haar en wilde weten hoe het met haar was. Zij stond aan de andere kant. Ik was benieuwd wat zij nu eigenlijk allemaal wist of in ieder geval dacht. Bellen durfde ik niet, bang dat ze al zou slapen. Ik pakte mijn mobiel uit mijn tas en stuurde haar een berichtje, waarin ik kort vroeg hoe het ging, zei dat ik haar miste en aangaf dat ik hoopte haar snel weer te zien.
Nog geen halve minuut later kreeg ik een berichtje terug.
Mis jou ook. Geen idee in wat voor gat ik ben gevallen, maar hoop dat jij een ladder hebt. Fioon.
Ik lachte vreugdeloos.
“Weer zo’n naar ding?” vroeg Cat argwanend.
Ik schudde mijn hoofd. “Nee, dit is Fiona. Ik denk dat het haar ook allemaal een beetje te veel is.”
Ik stuurde een berichtje terug.
We zitten bij Cat, stevig aan de drank.
Opnieuw trilde mijn mobiel.
Welja, dat zuipt maar en dat doet maar. Drink er voor mij ook een, wil je.
Het deed me goed weer on speaking terms te zijn met haar.
Waarom kom je er zelf niet een naar binnen gieten?, vroeg ik.
Het duurde even voor ik weer van haar hoorde.
Zou wel willen. Maar is al laat. Morgen iets afspreken?
Ik aarzelde. Dan zou ik Eliza ook zien en daar had ik geen trek in.
Jij en ik samen afspreken?, opperde ik.
Zit niets anders op. Eliza is weg.
Mijn wenkbrauwen schoten omhoog en mijn vingers gleden verwoed over de toetsen.
Hoezo weg?
“Hoe is het met ‘r?” vroeg Cat tussendoor.
Ik gaf geen antwoord. De adrenaline spoot door mijn aderen.
“Nou kom op dan”, zei ik zacht.
Ze is naar Breda. Zei dat ze zou terugkomen. Ze moest iets ophalen. Weet het allemaal even niet meer.
Iets ophalen?
Zei ze ook wat?
Weer even later kreeg ik antwoord.
Iets dat van haar is en bij haar hoort. Snap er nix van. Veel meer dingen die ik niet begrijp. Misschien jij wel.
Ja, dacht ik. Steeds beter zelfs...
Volgende week zondag meer Paringsdans!