Paringsdans

Dominique | Lesbisch feuilleton | Aflevering 14

Gepubliceerd op: 12 december 2004

Paringsdans
Na de - ietwat enerverende - pakjesavond gaan Dominique en Cat bij Fiona eten. Natuurlijk wordt er nageroddeld over de voorgevallen dingen. Dan blijkt dat Cat meer weet dan Do en Fiona dachten.

Fiona zou voor ons koken. Een unicum. Ze was normaliter iemand van de afhaalchinees en kant-en-klaar maaltijden uit de supermarkt.
 
Cat en ik posteerden ons op de zwartleren bank. Fiona kwam met drie glazen Campari-jus uit de keuken.
“Hadden jullie er enig benul van dat het zo scheef zat tussen Jorinde en Tamar en Jet en Eva?” vroeg ze met lage verontwaardigde stem, terwijl ze in de zwartleren fauteuil tegenover ons ging zitten. Haar veel te strakke spijkerbroek had duidelijk moeite met haar rondingen.
 
Cat nam een slok en hield het glas even tussen haar lange slanke vingers geklemd. In haar zwarte bloes en dito pantalon zag ze er onweerstaanbaarder uit dan ooit. Ik vroeg me af hoe het in hemelsnaam mogelijk was dat dit me nooit eerder zo was opgevallen.
 
“Nou, dat het op deze manier tot uiting zou komen, dat had ik niet achter ze gezocht. Dat er ergens iets niet goed zat had ik al wel van Tamar begrepen.”
Fiona en ik keken haar verbaasd aan.
“Waar ging het dan over?” vroeg ik, ondertussen een sigaret opstekend.
 
“Jorinde is een tijdje geleden verliefd geweest op iemand anders. Dat wist Tamar. Zij en Jorinde spraken daar openlijk over met elkaar, alleen heeft Jorinde dat op een gegeven moment ook gedeeld met Jet. Dat vond Tamar niet zo leuk. Ze had liever dat het tussen hun vier muren bleef hangen. Volgens Tamar zouden ze er samen wel uitkomen.”
 
“Maar omdat Jet nu eenmaal de beste vriendin is van Jorinde, hadden die twee er met elkaar over gesproken”, concludeerde Fiona.
 
Cat knikte en zocht mijn hand om met mijn vingers te kunnen spelen. “Ja, je weet hoe dat gaat, zulke dingen hou je niet zo goed verborgen voor iemand die je door en door kent.”
 
Ik knikte bedenkelijk en nam een slok. “ Maar hoe kwam het dan dat het zo kon escaleren?”
“Omdat die vrouw waar Jorinde zo verliefd op was, Jet kende van het uitgaansleven en ze raakten op een gegeven moment in gesprek toen ze elkaar tegen kwamen in een of andere tent in Den Haag. Ze konden het meteen goed met elkaar vinden en dat was een beetje tegen het zere been van Tamar, die zich buitengesloten voelde, omdat zij die vrouw helemaal nog niet gezien of gesproken had.”
 
Ze sloeg een been over de andere en haalde nonchalant haar schouders op. “Ja, hoe het precies zit weet ik niet, ik heb het maar half gevolgd, maar Jet hoorde natuurlijk van zowel Jorinde als van die vrouw...”
“Heeft die vrouw ook een naam”, interrumpeerde Fiona haar hoofdschuddend.
Cat trok even met een mondhoek, alsof ze twijfelde of ze daar wel antwoord op moest geven. Na enige aarzeling zei ze: “Iris.”

Fiona en ik keken elkaar als door een wesp gestoken aan.
 
“Dat meen je niet”, riep ik verbaasd uit.
“Iris van Sophie?” vroeg Fiona hevig verbaast.
Cat knikte alleen maar en nam nog een slok van haar drankje.
“Weet Sophie dit allemaal?” vroeg ik weer.
 
Cat schudde heftig haar hoofd. “Nee, en dat blijft hopelijk ook zo?” vroeg ze, hoewel het meer als een dreigement klonk.
“Our lips are sealed, darling”, stelde Fiona haar gerust.
 
"Maar goed," vervolgde Cat, “Jet hoorde het verhaal natuurlijk van twee kanten en daar was Tamar niet blij mee. Zij had die vrouw nog nooit ontmoet en er waren nu twee mensen die het met elkaar hadden over Iris. En dat terwijl Tamar zich juist zo had opengesteld voor Jorinde. Hoeveel stellen zouden het op die manier aanpakken, dat je thuis kan komen met het verhaal dat je verliefd bent op iemand anders en dat je partner vervolgens zegt: “Geeft niets schat, kan ons allemaal overkomen.”
 
Fiona en ik snoven allebei tegelijk.
 
“Tja, dat zullen er inderdaad niet veel zijn”, beaamde ik.
Cat sloeg haar laatste slok Campari achterover. “Als jij met zo’n verhaal bij me komt smijt ik je met je koffers de straat op.”
Ik lachte. “Mijn koffers staan nog gewoon thuis hoor, schat.”
“Nou ja, dan kom je er gewoon niet meer in.” Ze kneep even in mijn hand en knipoogde. “Maar goed, Jorinde en Tamar hadden dus afgesproken er met niemand over te praten en Jorinde heeft die afspraak geschonden. Tamar voelde zich verraden.”
 
“Maar hoe kwamen die irritaties in die gedichten terecht? Ik bedoel, waarom hebben ze dat aangegrepen om zoiets uit te vechten. Ik had nou niet het idee dat er zo veel ruis op de lijn was. Op het strandfeest dronken ze nog gezusterlijk een biertje met z’n vieren.”
 
Cat keek Fiona met licht samengeknepen ogen aan. “Ja daar zeg je iets, dat zou ik dus ook wel eens willen weten. Wat is er in de tussentijd gebeurd waardoor het alsnog zo hoog is opgelopen?”
 
We staarden alledrie in ons glas, alsof daar alle antwoorden in dreven.
 
“Is het wel over tussen Jorinde en Iris?” vroeg Fiona met enige achterdocht.
Cat glimlachte, maar haar heldere grijze ogen lachten niet mee.
“Ja dat vraag ik me dus af.”
“Misschien is dat wel het twistpunt geweest”, zei ik.
Fiona en Cat keken me vragend aan.
“Ja, dat Jorinde tegen zowel Jet als Tamar heeft beweerd dat het over was tussen haar en Iris, terwijl dat helemaal niet zo is.”
“En dat Jet daar bij toeval achter is gekomen?” vroeg Fiona met opgetrokken wenkbrauwen.
“Nou nee, via Iris natuurlijk. Als ze het dan toch zo goed kunnen vinden samen, dan zullen ze ook wel met elkaar praten.”
Cat knikte langzaam. “Daar zou je best eens gelijk in kunnen hebben.”
 
“En dan is Jet natuurlijk verbolgen over het feit dat Jorinde dat als beste vriendin niet meer met haar deelt”, zei Fiona stellig.
“En daar moet dan een Sinterklaasrijmpje aan te pas komen, om je ongenoegen te uiten”, zei Cat op sarcastische toon.
Fiona pakte onze glazen om ze opnieuw te vullen.
 
“Maar dat wist Tamar weer niet, die gaat er vanuit dat haar vriendin de waarheid vertelt als ze zegt dat ze niet meer verliefd is, dus waarom zij zich in de vijf decemberstrijd mengt is mij niet helemaal duidelijk”, wierp ze ons vanuit de keuken toe.

Cat kwam dichterbij me zitten en sloeg haar armen om heen. We kusten elkaar.
 
“Het ligt er ook maar net aan wie wie nu precies had”, zei Cat.
“Ik zal het morgen eens aan Iris vragen”, zei Fiona toen ze terug kwam lopen met drie volle glazen.
“Wat?” vroeg ik verbaasd.
“Iris werkt bij mij op de afdeling, ze is hoofdverpleegkundige, weet je nog?”
 
Ik fronste. “Wat ga je vragen dan?”
“Of ze nog iets met Jorinde heeft.”
“Maar wat weten wij daar aan?”
Fiona nam een slok en zeeg weer in de leunstoel. “Ja, dat weet ik eigenlijk ook niet.”
“Hoe is het nu met Marga en Yvette trouwens?” vroeg Cat. Ze ging rechtop zitten om een sigaret te rollen.
Fiona maakte een wegwerpgebaar. “Hou op. Oeverloos, die twee. Ze zijn weer bij elkaar.”
 
Cat en ik keken elkaar met wijdopen gesperde ogen aan.
“Mijn god, hebben die wijven dan geen grenzen, ja sorry hoor...”. Ik schudde krachtig met mijn hoofd. Ik begreep er echt helemaal niets van.
“Je kunt je afvragen hoe lang het goed gaat inderdaad”, zei Cat met een diepe zucht.

Fiona zoog in een teug haar glas leeg. “Tot het weer uit de hand loopt en we Marga opnieuw bij de eerste hulp weg kunnen plukken.”
Cat keek bedenkelijk en zei profetisch: “Misschien is dat wel eerder dan we denken.”

Volgende week zondag weer een Paringsdans!