Iran

Rob Tielman | Column

Gepubliceerd op: 07 september 2005

Iran
De media-aandacht voor de ophanging van homo’s in Iran is weer voorbij, alsof er nooit iets gebeurd is. Daar zouden we eigenlijk iets van moeten leren.

De islamitische wetgeving met de doodstraf op homoseksualiteit is in Iran ingevoerd op 25 augustus 1982. Sindsdien zijn duizenden homo’s ter dood gebracht zonder dat dit onze media heeft bereikt. Dat is een duidelijk voorbeeld van zowel de macht als de onmacht van de media.
 
Het beeld van de twee jongemannen aan de galg heeft terecht een golf van verontwaardiging gewekt.

Maar de dood van die duizenden anderen was niet minder gruwelijk. Daarom is het goed dat Amnesty International structureel het lot van veroordeelde homo’s bewaakt; niet alleen als er media-aandacht is.
 
Het is ook belangrijk dat we ons niet in de war laten brengen door stoorzenders die zeggen dat het allemaal wel meevalt. Het meest bekende voorbeeld daarvan was de homoseksuele Franse filosoof Foucoult die dacht dat de invoering van de islamitische wetgeving in Iran een vooruitgang voor homo’s zou betekenen.
 
Het feit dat in islamitische landen in het geheim veel homoseksuele contacten plaats vinden, is geen waarborg dat homorechten gerespecteerd worden.

Deze politieke naïviteit komt helaas veel voor bij homo’s die hun vrolijke toeristische bezoeken verwarren met wat er werkelijk aan maatschappelijke onderdrukking plaats vindt.
 
Eenzelfde naïviteit hebben sommige journalisten (onlangs nog in de NRC) die plaatselijke homo’s aan het woord laten die zeggen dat het allemaal wel meevalt met die homovervolging in Iran. Zelfs in nazi Duitsland waren er wel homo’s te vinden die door de autoriteiten gedoogd werden met allerlei middelen (corruptie, manipulatie, vriendjespolitiek) als het hun uitkwam om homo’s te misbruiken.
 
Een klassiek voorbeeld daarvan was de SA leider Röhm en de nacht van de lange messen op 30 juni 1934, toen duidelijk werd wat homo’s aan vervolgingen te wachten stond. We weten allemaal hoe het homo's in de Tweede Wereldoorlog is vergaan. 
 
Deze week komt het boek ‘Doodgeslagen, Doodgezwegen’ van Klaus Müller uit, dat ons hopelijk wat minder naïef maakt als het gaat om de maatschappelijke positie van homo’s. De geschiedenis van de homovervolging leert ons dat vervolgers vaak allerlei andere misdaden in de schoenen van homo’s schuiven.

Daarom is het belangrijk dat homo’s en lesbo’s zich organiseren om er voor te zorgen dat op zijn minst hoor en wederhoor wordt toegepast in media en rechtspraak. En er toe bijdragen dat het collectieve geheugen van de homo/lesbische minderheid op peil blijft.
 
Wie zijn geschiedenis niet kent, loopt het risico steeds weer in dezelfde valkuilen te trappen.

(Bijvoorbeeld het idee dat het feestvieren weer vrolijk verder kan gaan omdat er geen media-aandacht meer is voor homo’s die ter dood worden gebracht...)