De lesbische oogopslag…

Anna Tijsseling | FemFusion | Column

Gepubliceerd op: 09 december 2004

De lesbische oogopslag…
Het getrainde oog ontwaart een lesbienne op een kilometer afstand. Haardracht, kledingkeuze, oogopslag, houding en manier van lopen verraden vaak de seksuele oriëntatie van het individu. Hoewel een lipsticklesbienne er soms tussendoor glipt, ontgaat een doorgewinterde gaydar weinig. Niet-bekwame ogen moeten op onderzoek uit als ze zich willen verdiepen in de lesbische subcultuur.  

Soms hebben heteroseksuelen daar een noodzaak toe. “Hoe gaat dat nou?” was dan ook de vraag van Loes Luca afgelopen donderdag 2 december 2004 in het Ro-theater. Zij speelt namelijk de straatmeid Lieze Modderman (‘The rain in Spain stays mainly in the plain!’) in een nieuwe bewerking van George Bernard Shaw’s My Fair Lady.

De nieuwe versie heet 'Pygmalion - platvloers en wederopgebouwd' en is lesbisch…
 
De lesbische professor Higgins wordt gespeeld door Olga Zuiderhoek. Higgins moet in Pygmalion Modderman binnen drie maanden omtoveren tot een droomprinses. Het verhaal speelt zich ditmaal af in de lesbische subcultuur van de Rotterdamse wederopbouwtijd.
 
Een leerzame avond voor de jongere lesbiennes, en dat in een voor de gelegenheid gebouwd Rotterdams café uit de jaren vijftig – compleet met stoelen en tafels met kleden, bessenjenever, glaasjes sigaretten en sigaren.

Real-life wederopbouwlesbiennes deden verslag van hun mogelijkheden om andere lesbiennes te ontmoeten in de jaren vijftig.
 
Boeiende verhalen over bijeenkomsten op zolders, het ontstaan van de lesbische 7152-groepen en de consequenties van ‘out’ zijn voor je loopbaan. Alle facetten van het wederopbouw-pottenleven passeerden de revue. Daarnaast werden brieven van Anna Blaman voorgelezen en zongen de Valentina’s, een bejaarde Rotterdamse versie van de Andrew Sisters (‘Bei mir bist du schon’), de sterren van de hemel.
 
Desondanks werd de hamvraag ‘Hoe gaat dat nou?’ maar moeizaam beantwoord. Dat potten elkaar heden ten dage niet (meer) op het achterwerk slaan om positieve aandacht te verkrijgen, bleek wel uit het geschater dat volgde toen Luca deze handeling ter illustratie bijna (!) bij één van de geïnterviewde wederopbouwpotten voltrok.

Maar hoe ging het dan wel? En hoe gaat het nu?
 
Dit soort vragen over je eigen gedrag zijn moeilijk uit de losse pols te beantwoorden. Gelukkig heeft Judith Schuyf voor haar proefschrift Stilzwijgende samenzwering uit 1995 grootschalig onderzoek verricht onder de Nederlandse lesbiennes. Schuyf toont aan hoe verschillend de coderingen waren per maatschappelijke klasse. De middenklasse vrouw kwam niet in de kroeg. De arbeidersklassevrouwen daarentegen wel. Roken in het openbaar had iets lesbisch. Het dragen van een pinkring stond voor kleur bekennen. Een kek mantelpakje was vooruitstrevend. En degelijke schoenen deden het ook.
 
Tegenwoordig lurken weinig lesbiennes in mantelpakjes, op stevige schoenen, met een pinkring opzichtig aan een sigaret om hun seksuele identiteit te bevestigen. Kennelijk verschillen lesbische coderingen per tijdsgewricht. Roken in het openbaar heeft sinds de introductie van de ‘rookpaal’ op perrons eerder iets treurigs dan sensueels. Pinkringen worden door een enkeling onder de jongeren gedragen.

Aangezien het dragen van de pump in het algemeen teloor is gegaan, onderscheiden potten zich niet langer door hun ‘comfy’ schoenen.
 
Deze bijeenkomst in het Ro-theater en de gesprekken over coderingen deden mij denken aan de coming-out gesprekken van een goede vriend. Jaren geleden ging hij naar het COC, terwijl ik nog stevig in de kast zat. In een van die gesprekken moest hij een typische lesbo en een stereotiepe homo tekenen. Wat betreft de potten kwam hij uit op een bergschoen-, hoogwaterbroek- en grote blousedragende mueslibol.
 
Ik kwam aardig bij zijn beschrijving in de buurt. Misschien had hij mij toen al voor ogen. Wellicht had mijn kleding onbedoeld iets potteus. Hoe het ook zij, lesbiennes weten elkaar te detecteren. Het uiterlijk speelt daarbij een rol. Kleding- en uiterlijke codes wisselen elkaar af. Lange tijd deden de strakke brillen en blonde korte haren het goed.

Tegenwoordig kan lang haar ook weer, tot grote frustratie van de lesbische voorvechters uit de jaren zeventig.
 
Niet alleen deze gemakkelijk te beïnvloeden uiterlijke kenmerken doen er toe. Ik bespeur bij lesbiennes op de een of andere manier ook altijd een andere oogopslag in vergelijking tot heteroseksuele vrouwen.
 
Lesbo’s kijken – letterlijk – anders naar de wereld. Juist die minder manifeste kenmerken zijn het meest interessant. Wie ze weet te omschrijven, moet dat vooral doen. Je weet immers nooit of het toneelstuk Pygmalion met professor Higgins en Lieze Modderman ooit nog in een eigentijdse lesbische context wordt geplaatst!

Anna Tijsseling is betrokken bij het lesbisch platform FemFusion. FemFusion is een partner van RozeRijk.nl. Maandelijks krijgt het platform, bij monde van Anna, bij RozeRijk.nl een plek om haar verhaal te doen.

Ook partner worden van RozeRijk.nl en met een eigen plek op de site een onderdeel worden van Het Roze Rijk van de Publieke Omroep? Neem contact met ons op via ons mailformulier, te vinden via de link hierboven onder 'Reageer'.