Lesbo tieners het meest rookverslaafd

Gepubliceerd op: 08 april 2004

Lesbo tieners het meest rookverslaafd
Bijna 40 procent van de lesbische en biseksuele tieners tussen de 12 en 17 jaar gaf aan wekelijks te roken, tegenover slechts 6 procent van de hetero meisjes. Aan het onderzoek namen 16.000 jongeren deel.

Bij homo- en biseksuele jongens viel die hoge score nergens te bekennen. Zij roken niet meer of minder dan heterojongens. Ook blijken heteromeisjes minder bereid reclame-uitingen te dragen zoals hoeden en T-shirts ter promotie van tabak, terwijl 60 procent van de ondervraagde lesbische en biseksuelen zegt hier geen problemen mee te hebben.

Hoog percentage homorokers
Het hoofd van het onderzoek, dokter Byrn Austin van het Boston Children’s Hospital, zegt verbaasd te zijn. “Antihomo stigma, lastig gevallen worden, afwijzing van familie en vrienden en soms zelfs fysiek geweld kunnen leiden tot een vijandige omgeving voor veel jonge mensen die worstelen met hun seksuele geaardheid. Dit in combinatie met specifiek aan de homoseksuele gemeenschap gerichte reclame-uitingen kan lesbische en biseksuele meisjes in een kwaad daglicht zetten.”

Amanda Sanford, research manager aan de Engelse Action on Smoking and Health campagnegroep, zegt dat er rapporten zijn waarin wordt gesteld dat het percentage rokers binnen de homoseksuele gemeenschap onder volwassen hoog ligt. “Maar ik heb niet eerder iets vergelijkbaars gezien bij zo’n jonge groep.”

Afwijzing en isolatie leiden tot rookverslaving
Volgens Sanford start 80 procent erg jong met roken, dus ook homoseksuelen. “Maar wat interessant is, is het verschil in geslacht. Zo is er bijvoorbeeld bewijs dat tabaksfabrikanten zich in het verleden speciaal op vrouwen richtten. Ze speculeert dat ‘gevoelens van afwijzing en isolatie ook een rol van betekenis kunnen spelen bij lesbische meisjes. Volgens Sanford zijn tienerjongens veelal gezelligheidsrokers, terwijl hun lesbische leeftijdgenoten meer sigaretten in hun eentje opsteken.

Schorerstichting: onderzoek draagt bij aan betere voorlichting
Bert Herberigs, pr-manager bij het landelijk kenniscentrum voor lesbische- en homospecifieke gezondheidszorg de Schorerstichting, zegt dat er in Nederland geen cijfers bekend zijn van dergelijke onderzoeken. “Maar dat de seksuele oriëntatie bij een dergelijk onderzoek wordt meegenomen vind ik eigenlijk wel goed. Sowieso als er onderzoek gedaan wordt naar leefstijlen, gewoontes en gezondheid. Daardoor weten we bijvoorbeeld dat bij homojongeren vaker depressies voorkomen dan bij heterojongeren. En dat kan dan weer aanleiding zijn voor meer alcohol- en drugsgebruik of, zoals in dit geval, roken.”

Herberigs vindt het ook goed dat het wat breder wordt getrokken. “Zo kunnen we onze voorlichting nog beter afstemmen op de problematiek en heeft voorlichting in zijn algemeenheid een betere kans van slagen.”