Lesba, Lesbi, Lesbo?

Rob Tielman | Column | Van Dale (2)

Gepubliceerd op: 02 november 2005

Lesba, Lesbi, Lesbo?
In mijn vorige column schreef ik dat ik van de nieuwe Van Dale een misdruk had ontvangen van het tweede deel (J-R). Inmiddels heb ik dit ingeruild voor een gaaf exemplaar en dus in deze column: een overzicht van de volgende vergeten woorden.
 
De H van homo staat in het eerste deel, de L van lesbisch in het tweede deel... Zou hier een antilesbisch complot achter zitten?

Het verklaart in ieder geval wel waarom ik in mijn vorige column voornamelijk homowoorden besprak en de lesbiennes minder aan bod kwamen. Hoe dan ook: Van Dale kan niet kiezen tussen lesba, lesbi en lesbo, terwijl het laatste woord volgens mij veel meer gangbaar is. Maar misschien kunnen de dames mij voorlichten?
 
Opmerkelijk vond ik dat ‘bitch’ wel vermeld wordt maar de in lesbische kringen (vroeger?) gebruikelijke begrippen ‘butch’ en ‘femme’ niet. Het historische woord ‘lollepot’ staat er wel in, evenals de daarvan afgeleide woorden ‘pot’ en ‘potteus bewustzijn’. Van ‘potterig’ had ik nog nooit gehoord: 1. al te intiem; 2. geneigd tot het homoseksuele of het lesbische. Nooit geweten dat nichten potterig konden zijn… Poterig misschien? Maar dat woord kent ook Van Dale niet. Wel poot (niet beledigend) en potenrammen (volgens Van Dale wel beledigend, maar voor wie dan: daders of slachtoffers?).
 
Ruigpoot wordt uitgelegd: het eerste lid slaat op de beharing van de handrug. Zouden jonge lezers (m/v) dat handgebaar nog kennen?

Dit wordt door Van Dale ergens anders uitgelegd, namelijk bij ‘poot’. Heel leuk vond ik in dit verband de vermelding van ‘ruigpotige kippen en duiven’! Zou de vogelpest toch nog iets met homoseksualiteit te maken hebben?
 
Het Roze Rijk heeft Van Dale niet gehaald. Wel de ‘symboolkleur voor homoseksualiteit en voor de homoseksuelen’ roze, de roze driehoek, het roze front en de roze revolutie (allemaal met uitleg).

Volgens mij hoort de roze zaterdag (met uitleg) ook in dit rijtje thuis omdat dit begrip jaarlijks veel gebruikt wordt.
 
Vreemd is het dat bij kamikazeseks alleen verwezen wordt naar ‘wisselende seksuele contacten zonder gebruikmaking van een condoom, waardoor men het risico van een hiv-besmetting vergroot’ terwijl een verwijzing naar wurgseks meer voor de hand zou liggen. Maar daarover meer in mijn volgende column als ik deel drie (S-Z) ga bespreken!
 
Opvallend is in ieder geval wel dat Van Dale homoseksueel gerelateerde woorden opneemt die nu helemaal niet meer zo bekend zijn. Waarom zouden ze dat doen? Zeker omdat er anderzijds tegenwoordig veel woorden actief in gebruik zijn die het woordenboek niet halen. Hoe zouden ze hun selectie maken?

Lees ook
Robs eerste column over de nieuwe Van Dale: zónder lesba/lesbi/lesbowoorden!