'Niet: homoseksueel, wel: homofiel gericht'
>>> Interview | Deel 1
Gepubliceerd op: 16 december 2004
Ga meteen naar Deel 2 van het interview >>>
Ruth Seldenrijk (1951) is auteur van het boek Als je je anders voelt, dat begin 2005 in de boekhandel te krijgen is. In het boek wordt de verhouding tussen homoseksualiteit en de kerk beschreven, en het bespreekt uitgebreid het standpunt van de Bijbel ten aanzien van homoseksualiteit. Of, beter: het standpunt ten aanzien van de homofiele gerichtheid.
In het dagelijks leven is Seldenrijk directeur van de christelijke Nederlandse Patiënten Vereniging (NPV). Rozerijk.nl dropte een paar vragen en stiuaties bij de auteur, om te kijken hoe homoseksualiteit vanuit christelijke hoek bekeken wordt.
1) Expreszo's extra scholiereneditie
Seldenrijk is niet zo blij met de Expreszo-affaire, waarbij een extra editie van het homojongerenblad naar middelbare scholen in Nederland gestuurd werd.
“Er mogen zijn is iets anders dan je mening ongevraagd opdringen. Je zou kunnen zeggen dat dit fundamentalistische tolerantie is: zij eist onverschilligheid, een gebrek aan wat voor mening dan ook. Soms eist het zelfs de goedkeuring van alles wat wij te zien krijgen aan mensen, overtuigingen en levensuitingen en dringt dat anderen agressief op. Dit is een vorm van intolerantie.”
De schrijver is het dus niet eens met die ‘fundamentalistische tolerantie’.
“Naar mijn idee wordt hiermee een hele slechte dienst bewezen aan mensen met een homofiele gerichtheid die hechten aan respect, waardering en acceptatie. Een slechte dienst, kortom, aan mensen die integraal of geïntegreerd willen leven in de samenleving. Tolerantie is alleen effectief als ze komt van twee kanten”.
2) Is homoseksualiteit aangeboren?
Hij weet niet zeker of de homofiele gerichtheid aangeboren is. In zijn boek wijdt hij een heel hoofdstuk aan de oorzaken van homoseksualiteit:
“Ik heb gekeken naar onze huidige kennis van biologische factoren (anatomisch en genetisch onderzoek). Die kunnen geen afdoende verklaring geven. In de psychoanalyse wordt homofilie vooral gezien als een gevoelsstoornis en een hechtingsprobleem. Daarnaast spelen er psychosociale factoren en omgevingsfactoren mee”.
Jeugd speelt mee
Zo denkt Seldenrijk dat homoseksualiteit mede kan ontstaan vanwege bebeurtenissen in de jeugd van een mens.
“Vaker dan enige andere factor zijn (seksueel) traumatische jeugdervaringen betrokken bij het ontstaan van een homofiele gerichtheid. Recent Amerikaans onderzoek komt tot de conclusie dat het gaat om bindingspijn die ook in relatie staat met de realiteitsbeleving. Alles overziende lijkt er sprake te zijn van een combinatie van factoren: een resultaat van aanleg en interactie”.
3) Waar komt het vandaan?
Volgens de auteur is homoseksualiteit iets onnatuurlijks. Immers: als het iets is dat in de genen zit, dan zou het een keer moeten verdwijnen, aangezien homo’s zich niet voortplanten en dus die genetische kenmerken niet door kunnen geven.
“Er zijn mensen die een gezinsleven achter zich hebben als ze naar buiten komen met hun homofiele gerichtheid. Maar dit gegeven is om verschillende redenen ontoereikend om de omvang van het fenomeen te verklaren.."
Homoseksualiteit niet (alleen) biologisch bepaald
"De aard van de homofiele gerichtheid past niet bij de biologische vruchtbaarheid. Het is een natuurlijk gegeven dat kinderen ontstaan uit de geslachtsgemeenschap van een vader en een moeder. Die gemeenschap is ondenkbaar voor mensen met een diep ervaren homofiele gerichtheid.”
Ook zijn er volgens Seldenrijk, als het gaat om een genetisch bepaalde factor, te veel homoseksuelen om dat logisch te onderschrijven.
“Als de homofiele gerichtheid door een erfelijke eigenschap (gen) zou worden bepaald, dan sterft dat gen uit omdat twee homo's geen biologische kinderen kunnen krijgen. Als een 'homogen' zou zijn ontstaan uit een spontane mutatie, dan zou de frequentie van die mutatie veel hoger moeten liggen dan welke andere mutatie ook”.
Lees verder:
4) Homofiele gerichtheid VS. homoseksualiteit >>>
Ruth Seldenrijk (1951) is auteur van het boek Als je je anders voelt, dat begin 2005 in de boekhandel te krijgen is. In het boek wordt de verhouding tussen homoseksualiteit en de kerk beschreven, en het bespreekt uitgebreid het standpunt van de Bijbel ten aanzien van homoseksualiteit. Of, beter: het standpunt ten aanzien van de homofiele gerichtheid.
In het dagelijks leven is Seldenrijk directeur van de christelijke Nederlandse Patiënten Vereniging (NPV). Rozerijk.nl dropte een paar vragen en stiuaties bij de auteur, om te kijken hoe homoseksualiteit vanuit christelijke hoek bekeken wordt.
1) Expreszo's extra scholiereneditie
Seldenrijk is niet zo blij met de Expreszo-affaire, waarbij een extra editie van het homojongerenblad naar middelbare scholen in Nederland gestuurd werd.
“Er mogen zijn is iets anders dan je mening ongevraagd opdringen. Je zou kunnen zeggen dat dit fundamentalistische tolerantie is: zij eist onverschilligheid, een gebrek aan wat voor mening dan ook. Soms eist het zelfs de goedkeuring van alles wat wij te zien krijgen aan mensen, overtuigingen en levensuitingen en dringt dat anderen agressief op. Dit is een vorm van intolerantie.”
De schrijver is het dus niet eens met die ‘fundamentalistische tolerantie’.
“Naar mijn idee wordt hiermee een hele slechte dienst bewezen aan mensen met een homofiele gerichtheid die hechten aan respect, waardering en acceptatie. Een slechte dienst, kortom, aan mensen die integraal of geïntegreerd willen leven in de samenleving. Tolerantie is alleen effectief als ze komt van twee kanten”.
2) Is homoseksualiteit aangeboren?
Hij weet niet zeker of de homofiele gerichtheid aangeboren is. In zijn boek wijdt hij een heel hoofdstuk aan de oorzaken van homoseksualiteit:
“Ik heb gekeken naar onze huidige kennis van biologische factoren (anatomisch en genetisch onderzoek). Die kunnen geen afdoende verklaring geven. In de psychoanalyse wordt homofilie vooral gezien als een gevoelsstoornis en een hechtingsprobleem. Daarnaast spelen er psychosociale factoren en omgevingsfactoren mee”.
Jeugd speelt mee
Zo denkt Seldenrijk dat homoseksualiteit mede kan ontstaan vanwege bebeurtenissen in de jeugd van een mens.
“Vaker dan enige andere factor zijn (seksueel) traumatische jeugdervaringen betrokken bij het ontstaan van een homofiele gerichtheid. Recent Amerikaans onderzoek komt tot de conclusie dat het gaat om bindingspijn die ook in relatie staat met de realiteitsbeleving. Alles overziende lijkt er sprake te zijn van een combinatie van factoren: een resultaat van aanleg en interactie”.
3) Waar komt het vandaan?
Volgens de auteur is homoseksualiteit iets onnatuurlijks. Immers: als het iets is dat in de genen zit, dan zou het een keer moeten verdwijnen, aangezien homo’s zich niet voortplanten en dus die genetische kenmerken niet door kunnen geven.
“Er zijn mensen die een gezinsleven achter zich hebben als ze naar buiten komen met hun homofiele gerichtheid. Maar dit gegeven is om verschillende redenen ontoereikend om de omvang van het fenomeen te verklaren.."
Homoseksualiteit niet (alleen) biologisch bepaald
"De aard van de homofiele gerichtheid past niet bij de biologische vruchtbaarheid. Het is een natuurlijk gegeven dat kinderen ontstaan uit de geslachtsgemeenschap van een vader en een moeder. Die gemeenschap is ondenkbaar voor mensen met een diep ervaren homofiele gerichtheid.”
Ook zijn er volgens Seldenrijk, als het gaat om een genetisch bepaalde factor, te veel homoseksuelen om dat logisch te onderschrijven.
“Als de homofiele gerichtheid door een erfelijke eigenschap (gen) zou worden bepaald, dan sterft dat gen uit omdat twee homo's geen biologische kinderen kunnen krijgen. Als een 'homogen' zou zijn ontstaan uit een spontane mutatie, dan zou de frequentie van die mutatie veel hoger moeten liggen dan welke andere mutatie ook”.
Lees verder:
4) Homofiele gerichtheid VS. homoseksualiteit >>>