Prepret

Dominique

Gepubliceerd op: 07 juni 2004

Prepret

Dominique is schrijfster, op dit moment werkt ze hard aan haar eerste boek dat als werktitel 'Paringsdans' draagt. Van tijd tot tijd laat ze ons in verhaalvorm meelezen in haar eigen leven.

Elk jaar het zelfde liedje. We weten al maanden van tevoren dat het strandfeest eraan komt en pas in de laatste week weten we kaarten te scoren. Fiona zegt elke keer dat ze het wel even regelt. Vervolgens moet ik iedereen bellen om te vragen of iemand toevallig aan ons gedacht heeft bij het bestellen.

“Je moet niet zo zeuren”, zei ze tussen twee slokken rosé door. “We hebben ze nu toch?” Ik kauwde mijn broodje weg alsof ik een insect verorberde.

We zaten op een terrasje aan het strand. Het was heerlijk weer. De zon scheen in een strakblauwe lucht en een zacht briesje zorgde voor aangename verkoeling. “Oké, we hebben kaartjes. Maar met wie moeten we nu meerijden?” vroeg ik geïrriteerd. Want zo ging het altijd; als iemand van onze vriendinnen kaarten had besteld, was samen er naar toe gaan een soort must. En daar had ik eigenlijk geen zin in. Fiona stak een sigaret op. “Wij gaan met Myrthe mee. We zien de rest daar, we gaan niet om acht uur al voor de deur liggen en alles komt goed.”

Alsof ze het hele rijtje zo uit haar hoofd had geleerd. Nou ja, dat zou best kunnen, want ze weet zo langzamerhand natuurlijk ook wel hoe ik ben. 

We staarden een tijdje zwijgend naar de zee. Fiona’s mobiel ging af. “Dag schat”, nam ze op. Ze luisterde en sprak ondertussen met mij. “Myrthe wil weten wat je aan doet”, zei ze op samenzweerderige toon. “Mijn god!” riep ik uit, “dat feest is pas volgende week!” Fiona trok een gezicht. “Zeg nou effe, Myrthe weet zelf niets. Als jij nou zegt wat jij aan doet, dan doet zij dat aan, zodat jij iets anders aan moet.” Ik trok mijn wenkbrauwen op tot ver over mijn haargrens.

Intussen pianeerde mijn eigen mobiel. Het was Sara.”Lieverd gaan jullie volgende week nog?” vroeg ze enthousiast. “Ja wij wel, Myrthe had toch nog kaarten voor ons”. Ik legde de nadruk op ‘Myrthe’ en keek daarbij venijnig naar Fiona. Die kwetterde onverstoord door en ging met haar rug naar me toe zitten. “Met wie rijden jullie mee?” vroeg Sara. “Eh…..”, stamelde ik. Hoewel de riedel van Fiona zojuist aannemelijk klonk, moest ik bekennen dat we daar nog niet echt over hadden nagedacht. “Kan ik anders met jullie meerijden? Cat neemt Carmen en Marloes mee en ik wil liever niet met Marloes in een auto.”

Ik deed even mijn ogen dicht. Kregen we die ellende ook nog natuurlijk.

Fiona onderbrak me. “Ik heb Marloes nu, die vraagt of Diane niet met ons mee kan rijden.” Ik wilde mijn mond open doen om iets te zeggen, maar Sara bleef maar in m’n oor loeien. “Met wie gaat Marga dan als Diane met jullie meerijdt, hebben ze nu alweer ruzie?” “Ik heb geen idee”, antwoordde ik naar waarheid. Fiona kwam er opnieuw  tussen. “Ik heb nu Tamar aan de lijn. Zijn er nog kaarten over? Ze missen er een voor Nikkie.” “Myrthe heeft nog een kaartje over”, riep Sara. Ik moest mijn mobiel een eindje van mijn oor houden. “Sara, regel jij dat ff met Tamar”, zei ik, “dan vraag ik aan Cat wie ze nu wel of niet bij zich in de auto heeft”. Ik hing op. Prompt ging mijn mobiel opnieuw af. Alsof ze me had horen denken.

“Dag lieve Cat, hoe is het nou”. De warme stem van Cat streelde mijn trommelvliezen.

“Vallen de meisjes jullie nu al lastig?” Ik deed mijn beklag. “Nou”, zei Cat, “Eva en Jet rijden met mij mee, Marloes en Carmen rijden met Marga mee.” “Ik dacht dat Marga en Carmen elkaar niet konden luchten of zien?” Cat lachte. “Zolang ze maar afhankelijk zijn van elkaar gaat het best redelijk, zei ze met gevoel voor ironie. Fiona trok intussen aan mijn jas. “Ik heb Marga en die wil best Marloes meenemen, maar Carmen in geen geval.” “Wacht even Cat.” Ik hield mijn telefoon even opzij. “En Cat zegt net...” “Nee, is gisteren helemaal uit de klauwen gelopen met die twee. Carmen gaat nu met Sara.” Ik richtte me weer tot Cat. “Heb je ’t gehoord? Ik word niet goed van al die wijven”, zei ik geïrriteerd. Cat lachte. “Laat gaan. Iris en Sophie zijn er ook, net als Tamar en Jorinde. Dat kan ook nog lekker gaan knetteren.”

Fiona kwam weer tussenbeide. “ Ans wil persé met Marga meerijden, maar die wil niet omrijden als ze naar huis gaat. Zullen wij haar meenemen?” Ik moest er niet aan denken. “Nee hoor, dump haar maar bij iemand anders. We zijn toch geen filantropische instelling?” “En Ellen en Angela?” probeerde ze nog. “Nee zeg, die gaan maar lekker op de scooter.” Ik zei Cat gedag en hing op. “Hoe zit het nu? Wie gaat er nou met wie? “Weet ik niet”, zei Fiona terwijl ze nog een slok van haar rosé nam.

“Daar bellen we van de week nog even over.”