Uit de kast
Uit de kast
Gepubliceerd op: 30 november 2003
Op jongens vallen valt op! Als je een jongen bent tenminste. Je klasgenoten maken grove flikker- en pottengrappen. Je lacht mee, maar van binnen doet het pijn. Vooral omdat de docent er niets van zegt.
Op veel scholen heerst een negatieve sfeer rondom homo- en biseksualiteit. Docenten kiezen liever voor negeren dan voor bespreken van dit onderwerp. Zeker op scholen met veel allochtone leerlingen.
Bitter
Hoe tolerant is jouw school? 2003, Gay-Parade, Lesbisch Front! Een artikel over homoseksualiteit is dat nou nog nodig? Het Roze Rijk verzorgde speciale radioprogramma’s. Die uitzendingen zijn gestopt! In Nederland kun je gewoon uitkomen voor je geaardheid. Dat valt meestal bitter tegen. Ouders, klasgenoten en docenten hebben meer op met ‘normale’ jongeren.
Dus verberg je je eerste verliefdheid, verzwijg je de oorzaak van je depressie. Weinig verschil met 40 jaar geleden, alle emancipatie ten spijt.
Froukje
Is er iets mis gegaan? Froukje (14 jaar, HAVO 3) en Rob (54 jaar, docent VWO) vertellen over hun ‘coming-out’. Froukje ‘Vanaf mijn elfde voelde ik dat ik anders was dan mijn vriendinnen als het over jongens ging. In de brugklas begonnen alle meiden naar leuke jongens te kijken. Ik keek op die manier naar meisjes. De zachtheid van meisjes sprak me aan. Ik wilde hen graag aanraken. Samen met een meisje douchen leek me geweldig. Daar schrok ik erg van. Ik zou toch zeker niet...? Dat ‘meisjesgevoel’ vond ik zó ontzettend stom van mezelf dat ik het heel diep wegstopte. Dan zou het vanzelf wel over gaan. Nee, dus!
Stikjaloers
Als mijn klasgenoten het over ‘die vuile potten’ hadden dacht ik: ‘jij bent er ook zo een!’. De leraar zei er niks van. Ik durfde er met niemand over te praten. Wie wil er nou omgaan met een lesbo? Gewoon zijn, dat was het enige wat ik wilde. Tot overmaat van ramp werd ik in de tweede verliefd op een meisje uit mijn klas. Ik wist altijd precies wat ze die dag aan had en ik was stikjaloers op haar vriendje. Na school wachtte ik hen op, alleen om te kijken hoe ze naar huis fietsten. Ik besefte dat het nooit iets zou worden tussen ons en voelde me heel erg ongelukkig.
Ouders
Als ik niet normaal kon worden, dan wilde ik net zo lief dood zijn. Omdat ik steeds somberder werd en me niet meer kon concentreren, heb ik het aan mijn mentor verteld. Zij vond het helemaal niet raar of eng. Eigenlijk was ik daar niet eens blij mee. Als ze het stom gevonden had, had ik het lekker weer weggestopt. Ze zei dat ik zelf het moment moest bepalen aan wie en wanneer ik het zou vertellen. Mijn ouders mogen het absoluut niet weten. Ik ga denk ik beginnen met mijn beste vriendin. Ik hoop wel dat we dan nog vriendinnen kunnen blijven. Als ze dat niet meer wil, dan snap ik dat wel!’
Onderzoek
Eind 2002 gaven bijna 500 leerlingen en docenten uit het voortgezet onderwijs via sms, mail en telefoon, hun reactie op het omgaan met homo- en biseksualiteit op school. ‘ Potten en flikkers de klas uit! Hoe tolerant is jouw school? ’ is een gezamenlijk onderzoek van COC, homojongeren magazine Expreszo en APS. Het resultaat is op 8 april 2003 aangeboden aan de vaste kamercommissie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Aanleiding voor het onderzoek waren signalen die bij het COC binnenkwamen.
Onveilig
De norm op scholen is heteroseksualiteit. Docenten die vroeger wel voor hun geaardheid uitkwamen doen dat nu niet meer. In het onderwijs staat men niet langer stil bij de kwetsbare positie van homo- en biseksuele leerlingen en docenten. COC voorlichters krijgen minder toegang tot scholen dan voorheen. Leerlingen én docenten ervaren het klassenklimaat als onveilig.
Angst
Van de homo- en biseksuele ondervraagden zegt driekwart ‘soms of veel’ problemen mee te maken rond hun seksuele geaardheid. ‘Homo’ is weer een scheldwoord. Naroepen, pesten en fysiek geweld komen regelmatig voor. Grote angst om buiten de groep te vallen weerhoudt leerlingen ervan uit de kast te komen. Het pesten begint vaak al op de basisschool. Ook kinderen van homo-ouderparen moeten eraan geloven. Zij zullen zelf ook wel ‘zo’ zijn.
Eenzaamheid
Homoseksuele docenten voelen zich niet meer geroepen de voortrekkersrol op zich te nemen. Ze zijn al lang blij dat hun voorkeur geaccepteerd wordt door de collega’s. Vragen als: ‘Wie van jullie is nu het mannetje?’, nemen ze daarbij voor lief. Vooral de eenzaamheid bij het ontdekken van hun gevoelens staat hen nog helder voor de geest.
Rob
‘Wanneer ik ten diepste besefte dat ik homo was, weet ik niet meer. Ik denk zo rond mijn zestiende. In mijn kindertijd gingen mijn vrienden en ik liever om met jongens dan met ‘die meiden’. Toen de jongens uit mijn omgeving interesse in meisjes kregen, bleef ik gewoon jongens leuker vinden. Dat vond ik vreemd van mezelf. Waarom dacht ik er anders over dan mijn vrienden? En vooral: waarom was ik de enige? Ik kende niemand in mijn familiekring die ook ‘zo’ was.
Doodse stilte
Ik vond de moed, mijn huisarts hierover aan te spreken. Zijn ‘advies’ luidde: ‘Dat is helemaal niet erg, homoseksualiteit wordt tegenwoordig best geaccepteerd’. Ik besloot het voorlopig niemand te vertellen. Tijdens een vakantie met mijn vriend Daniël hield ik het ineens niet meer uit. Heel gespannen en zoekend naar de juiste woorden, maar vastberaden heb ik hem gezegd dat hij een vriend had die ‘homofiel’ was. De doodse stilte die volgde kan ik nóg horen.
Drugs
Na grote aarzeling heb ik hem toen ook maar meteen verteld dat ik verliefd op hem was. Hij had daar moeite mee, wist niet meer hoe hij zich naar mij toe op moest stellen. Ik ook niet. We hebben er veel over gesproken, dat kon gelukkig. Onze vriendschap is behouden gebleven. Mijn ouders dachten dat ze iets in mijn opvoeding vreselijk fout hadden gedaan toen ik hen uiteindelijk vertelde dat ik op jongens viel. ‘Gebruik je soms ook drugs?’ informeerde mijn vader.
Worsteling
Ik nam hen die reactie niet kwalijk. Ze wisten niet eens wat het begrip ‘hetero’ inhield. Met verbazing kijk ik terug op dit verhaal dat speelde in de jaren zestig. Ik ervaar een enorme afstand tot die tijd. Het woord ‘homofiel’ is geheel in onbruik geraakt. Mijn ‘strijdbare’ periode speelde zich af net na mijn ‘coming-out’. Wat een enorme worsteling was dat. Ik denk wel dat ik daar sterker door ben geworden. Mijn collega’s op school doen er niet moeilijk over.
Islam
Soms denk ik van een leerling: ‘Jij zou wel eens homo kunnen zijn. Ik zou je daar goed mee kunnen helpen’. Maar ik wacht tot hij of zij mij benadert. Jongeren van nu zullen zich ongetwijfeld eerder af gaan vragen hoe het zit met hun gerichtheid. Toch lijkt het er niet op dat mijn gevecht hen bespaard blijft’.
Ziekte
In de islamcultuur is absoluut geen plaats voor homoseksualiteit. Volgens imam El Moumni is het een ziekte en zijn homo’s lager dan varkens. Homoseksuele Turkse en Marokkaanse jongeren leven ‘in een leugen’. Ze gaan drugs gebruiken of onderdrukken hun gevoel en trouwen snel om hun familie niet te schande te maken. Eer en reputatie zijn belangrijker dan wat dan ook. Veel holebi’s (homoseksuele, lesbische en biseksuele mensen) durven zichzelf niet te zijn. Onbekommerd verliefd zijn is er al helemaal niet bij. De actrice die de rol van lesbo Isabella in GTST speelt krijgt stapels brieven. Hojo’s (homojongeren) zien haar als voorbeeld: ’Daar doen ze het ook, dus er is niets geks aan !’
1960-2003
Ruim veertig jaar verstreken en weinig verschil. Er zijn scholen die zeggen dat homoseksualiteit bij hen niet voorkomt. Scholen die bang zijn voor negatieve reacties van allochtone leerlingen en ouders en daarom geen voorlichting geven. Scholen die menen tolerant te zijn en vervolgens het onderwerp niet meer ter sprake brengen.
Roze driehoekje
Er was een tijd dat je minder angst hoefde te hebben als homo uitgescholden te worden of erger. Dat je tijdens een werkweek weleens docenten zag met een roze driehoekje op. Dat men dacht ‘iedereen heeft seksuele gevoelens voor mensen van het eigen geslacht alleen de een wat meer dan de ander’. Zijn we op onze lauweren gaan rusten omdat de emancipatie voltooid leek? Hebben we te weinig rekening gehouden met het grote taboe en de agressie bij allochtonen ten opzichte van homoseksualiteit? Met de vaak onverdraagzame opstelling van ‘normale’ autochtonen?
Stoer
‘Hoe tolerant is jouw school?’ toont aan dat doodzwijgen de zaak geen goed doet. In Nijmegen krijgt homoseksualiteit een plaats in het ‘parapluproject’ van de GGD. Doel is het inpassen van dit thema in het lessenpakket en het creëren van een veilige school voor holebi-leerlingen en –leerkrachten. In de groep stoer doen over homoseksualiteit verandert als leerlingen iemand persoonlijk kennen. Het COC verzorgt nog steeds gastlessen! Het Stut-theater geeft voorstellingen over dit onderwerp. Wellicht de uitzendingen van Het Roze Rijk toch maar weer starten?!!
Bron: Myriam Schrover, in: Tijdschrift voor Leerlingbegeleiding, mei 2003. Myriam Schrover is orthopedagoog/remedial teacher van De Digitale School (digischool.nl), afdeling leerlingbegeleiding, voorgezet onderwijs.
LITERATUUR EN INFORMATIE
Jongens onder elkaar, Exclusief voor meiden, Koffie verkeerd. COC. Tel. 020- 623 4596. E-mail: info@coc.nl
Folders en brochures voor jongeren over homoseksualiteit.
Meidenboek. Een boek voor en door meiden die op meiden vallen. Esmée Burgersdijk en Anne Klusman (red). Schorer boeken, 1999. Persoonlijke verhalen, gedichten, tekeningen en praktische informatie voor en door meisjes en jonge vrouwen met lesbische of biseksuele gevoelens.
De Trimbaan. Imme Dros. Van Goor, 1987. Filip en Rogier werken elke dag aan het opknappen van een vervallen trimbaan. Alles tussen hen verandert als Rogier bekent dat hij niet op meisjes valt.
Portret van Sanne. Caja Cazemier. Van Holkema & Warendorf, 1999. Een zestienjarige meisje ontdekt dat de vriendschap met haar hartsvriendin verandert in verliefdheid.
Versluierde liefde. Naima el Bezaz. Volkskrant magazine, 15-02-2003. Indringend artikel over de worsteling van jonge lesbische moslims.
Expreszo. Tel. 020- 623 4596, COC Amsterdam. E-mail: redactie@expreszo.nl Glossy blad voor lesbo-, ho- en bi-jongeren. Ook zeer geschikt voor volwassenen die willen weten wat hojo’s bezig houdt.
Potten en flikkers de klas uit! Hoe tolerant is jouw school? Inventarisatie van knelpunten en klachten van leerlingen en docenten over homoseksualiteit. April 2003.
COC Nederland. Tel. 020-623 4596. E-mail: info@coc.nl Het rapport bevat schokkende verhalen van leerlingen en docenten en geeft concrete aanbevelingen voor het ontwikkelen van een expliciet homo- en biseksueel schoolbeleid. Te bestellen à € 5 bij COC Nederland, Amsterdam, giro: 570348 o.v.v. aantal exemplaren en ‘Rapport potten en flikkers’.
Onderwijsproject GGD Nijmegen. Tel. 024-329 72 97. Een aantal scholen in de regio Nijmegen wil het omgaan met homoseksualiteit beter aanpakken. Zij werken daartoe samen met GGD Nijmegen. Het project zal in 2006 afgerond zijn. Contactpersoon is Rebecca Kramer.
Stut-theater. Tel. 030–231 18 01. Internet: stut.nl. E-mail: jan.rijnierse@stut.nl Een groep professionele theatermakers die met buurtbewoners voorstellingen maakt over thema’s die in hun leven centraal staan. Ieder jaar verzorgen zij producties over maatschappelijk relevante thema’s. Stut-theater maakt ook voorstellingen met jongeren voor o.a. scholen. Hun stuk ‘Engelen’ heeft als thema de zelfgenoegzaamheid die in Nederland heerst rond homoseksualiteit. Contactpersoon is Jan Rijnierse.
WEBINFO coc.nl Site van de federatie van Nederlandse verenigingen tot integratie van homoseksualiteit. expreszo.nl Naast het blad is er ook deze site voor lesbische, homo- en biseksuele jongeren. gay-and-school.nl APS-site voor docenten en leerlingen over homoseksualiteit in het onderwijs.
Switchboard.nl Site voor alle vragen rond homo- en biseksualiteit.
Weljongniethetero.be Belgische site van het samenwerkingsverband van Vlaamse & Brusselse homo-, lesbische en bi-jongerengroepen. homo-emancipatie.nl/jongeren Site van het landelijk kenniscentrum lesbisch en homo-emancipatiebeleid
Op veel scholen heerst een negatieve sfeer rondom homo- en biseksualiteit. Docenten kiezen liever voor negeren dan voor bespreken van dit onderwerp. Zeker op scholen met veel allochtone leerlingen.
Bitter
Hoe tolerant is jouw school? 2003, Gay-Parade, Lesbisch Front! Een artikel over homoseksualiteit is dat nou nog nodig? Het Roze Rijk verzorgde speciale radioprogramma’s. Die uitzendingen zijn gestopt! In Nederland kun je gewoon uitkomen voor je geaardheid. Dat valt meestal bitter tegen. Ouders, klasgenoten en docenten hebben meer op met ‘normale’ jongeren.
Dus verberg je je eerste verliefdheid, verzwijg je de oorzaak van je depressie. Weinig verschil met 40 jaar geleden, alle emancipatie ten spijt.
Froukje
Is er iets mis gegaan? Froukje (14 jaar, HAVO 3) en Rob (54 jaar, docent VWO) vertellen over hun ‘coming-out’. Froukje ‘Vanaf mijn elfde voelde ik dat ik anders was dan mijn vriendinnen als het over jongens ging. In de brugklas begonnen alle meiden naar leuke jongens te kijken. Ik keek op die manier naar meisjes. De zachtheid van meisjes sprak me aan. Ik wilde hen graag aanraken. Samen met een meisje douchen leek me geweldig. Daar schrok ik erg van. Ik zou toch zeker niet...? Dat ‘meisjesgevoel’ vond ik zó ontzettend stom van mezelf dat ik het heel diep wegstopte. Dan zou het vanzelf wel over gaan. Nee, dus!
Stikjaloers
Als mijn klasgenoten het over ‘die vuile potten’ hadden dacht ik: ‘jij bent er ook zo een!’. De leraar zei er niks van. Ik durfde er met niemand over te praten. Wie wil er nou omgaan met een lesbo? Gewoon zijn, dat was het enige wat ik wilde. Tot overmaat van ramp werd ik in de tweede verliefd op een meisje uit mijn klas. Ik wist altijd precies wat ze die dag aan had en ik was stikjaloers op haar vriendje. Na school wachtte ik hen op, alleen om te kijken hoe ze naar huis fietsten. Ik besefte dat het nooit iets zou worden tussen ons en voelde me heel erg ongelukkig.
Ouders
Als ik niet normaal kon worden, dan wilde ik net zo lief dood zijn. Omdat ik steeds somberder werd en me niet meer kon concentreren, heb ik het aan mijn mentor verteld. Zij vond het helemaal niet raar of eng. Eigenlijk was ik daar niet eens blij mee. Als ze het stom gevonden had, had ik het lekker weer weggestopt. Ze zei dat ik zelf het moment moest bepalen aan wie en wanneer ik het zou vertellen. Mijn ouders mogen het absoluut niet weten. Ik ga denk ik beginnen met mijn beste vriendin. Ik hoop wel dat we dan nog vriendinnen kunnen blijven. Als ze dat niet meer wil, dan snap ik dat wel!’
Onderzoek
Eind 2002 gaven bijna 500 leerlingen en docenten uit het voortgezet onderwijs via sms, mail en telefoon, hun reactie op het omgaan met homo- en biseksualiteit op school. ‘ Potten en flikkers de klas uit! Hoe tolerant is jouw school? ’ is een gezamenlijk onderzoek van COC, homojongeren magazine Expreszo en APS. Het resultaat is op 8 april 2003 aangeboden aan de vaste kamercommissie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Aanleiding voor het onderzoek waren signalen die bij het COC binnenkwamen.
Onveilig
De norm op scholen is heteroseksualiteit. Docenten die vroeger wel voor hun geaardheid uitkwamen doen dat nu niet meer. In het onderwijs staat men niet langer stil bij de kwetsbare positie van homo- en biseksuele leerlingen en docenten. COC voorlichters krijgen minder toegang tot scholen dan voorheen. Leerlingen én docenten ervaren het klassenklimaat als onveilig.
Angst
Van de homo- en biseksuele ondervraagden zegt driekwart ‘soms of veel’ problemen mee te maken rond hun seksuele geaardheid. ‘Homo’ is weer een scheldwoord. Naroepen, pesten en fysiek geweld komen regelmatig voor. Grote angst om buiten de groep te vallen weerhoudt leerlingen ervan uit de kast te komen. Het pesten begint vaak al op de basisschool. Ook kinderen van homo-ouderparen moeten eraan geloven. Zij zullen zelf ook wel ‘zo’ zijn.
Eenzaamheid
Homoseksuele docenten voelen zich niet meer geroepen de voortrekkersrol op zich te nemen. Ze zijn al lang blij dat hun voorkeur geaccepteerd wordt door de collega’s. Vragen als: ‘Wie van jullie is nu het mannetje?’, nemen ze daarbij voor lief. Vooral de eenzaamheid bij het ontdekken van hun gevoelens staat hen nog helder voor de geest.
Rob
‘Wanneer ik ten diepste besefte dat ik homo was, weet ik niet meer. Ik denk zo rond mijn zestiende. In mijn kindertijd gingen mijn vrienden en ik liever om met jongens dan met ‘die meiden’. Toen de jongens uit mijn omgeving interesse in meisjes kregen, bleef ik gewoon jongens leuker vinden. Dat vond ik vreemd van mezelf. Waarom dacht ik er anders over dan mijn vrienden? En vooral: waarom was ik de enige? Ik kende niemand in mijn familiekring die ook ‘zo’ was.
Doodse stilte
Ik vond de moed, mijn huisarts hierover aan te spreken. Zijn ‘advies’ luidde: ‘Dat is helemaal niet erg, homoseksualiteit wordt tegenwoordig best geaccepteerd’. Ik besloot het voorlopig niemand te vertellen. Tijdens een vakantie met mijn vriend Daniël hield ik het ineens niet meer uit. Heel gespannen en zoekend naar de juiste woorden, maar vastberaden heb ik hem gezegd dat hij een vriend had die ‘homofiel’ was. De doodse stilte die volgde kan ik nóg horen.
Drugs
Na grote aarzeling heb ik hem toen ook maar meteen verteld dat ik verliefd op hem was. Hij had daar moeite mee, wist niet meer hoe hij zich naar mij toe op moest stellen. Ik ook niet. We hebben er veel over gesproken, dat kon gelukkig. Onze vriendschap is behouden gebleven. Mijn ouders dachten dat ze iets in mijn opvoeding vreselijk fout hadden gedaan toen ik hen uiteindelijk vertelde dat ik op jongens viel. ‘Gebruik je soms ook drugs?’ informeerde mijn vader.
Worsteling
Ik nam hen die reactie niet kwalijk. Ze wisten niet eens wat het begrip ‘hetero’ inhield. Met verbazing kijk ik terug op dit verhaal dat speelde in de jaren zestig. Ik ervaar een enorme afstand tot die tijd. Het woord ‘homofiel’ is geheel in onbruik geraakt. Mijn ‘strijdbare’ periode speelde zich af net na mijn ‘coming-out’. Wat een enorme worsteling was dat. Ik denk wel dat ik daar sterker door ben geworden. Mijn collega’s op school doen er niet moeilijk over.
Islam
Soms denk ik van een leerling: ‘Jij zou wel eens homo kunnen zijn. Ik zou je daar goed mee kunnen helpen’. Maar ik wacht tot hij of zij mij benadert. Jongeren van nu zullen zich ongetwijfeld eerder af gaan vragen hoe het zit met hun gerichtheid. Toch lijkt het er niet op dat mijn gevecht hen bespaard blijft’.
Ziekte
In de islamcultuur is absoluut geen plaats voor homoseksualiteit. Volgens imam El Moumni is het een ziekte en zijn homo’s lager dan varkens. Homoseksuele Turkse en Marokkaanse jongeren leven ‘in een leugen’. Ze gaan drugs gebruiken of onderdrukken hun gevoel en trouwen snel om hun familie niet te schande te maken. Eer en reputatie zijn belangrijker dan wat dan ook. Veel holebi’s (homoseksuele, lesbische en biseksuele mensen) durven zichzelf niet te zijn. Onbekommerd verliefd zijn is er al helemaal niet bij. De actrice die de rol van lesbo Isabella in GTST speelt krijgt stapels brieven. Hojo’s (homojongeren) zien haar als voorbeeld: ’Daar doen ze het ook, dus er is niets geks aan !’
1960-2003
Ruim veertig jaar verstreken en weinig verschil. Er zijn scholen die zeggen dat homoseksualiteit bij hen niet voorkomt. Scholen die bang zijn voor negatieve reacties van allochtone leerlingen en ouders en daarom geen voorlichting geven. Scholen die menen tolerant te zijn en vervolgens het onderwerp niet meer ter sprake brengen.
Roze driehoekje
Er was een tijd dat je minder angst hoefde te hebben als homo uitgescholden te worden of erger. Dat je tijdens een werkweek weleens docenten zag met een roze driehoekje op. Dat men dacht ‘iedereen heeft seksuele gevoelens voor mensen van het eigen geslacht alleen de een wat meer dan de ander’. Zijn we op onze lauweren gaan rusten omdat de emancipatie voltooid leek? Hebben we te weinig rekening gehouden met het grote taboe en de agressie bij allochtonen ten opzichte van homoseksualiteit? Met de vaak onverdraagzame opstelling van ‘normale’ autochtonen?
Stoer
‘Hoe tolerant is jouw school?’ toont aan dat doodzwijgen de zaak geen goed doet. In Nijmegen krijgt homoseksualiteit een plaats in het ‘parapluproject’ van de GGD. Doel is het inpassen van dit thema in het lessenpakket en het creëren van een veilige school voor holebi-leerlingen en –leerkrachten. In de groep stoer doen over homoseksualiteit verandert als leerlingen iemand persoonlijk kennen. Het COC verzorgt nog steeds gastlessen! Het Stut-theater geeft voorstellingen over dit onderwerp. Wellicht de uitzendingen van Het Roze Rijk toch maar weer starten?!!
Bron: Myriam Schrover, in: Tijdschrift voor Leerlingbegeleiding, mei 2003. Myriam Schrover is orthopedagoog/remedial teacher van De Digitale School (digischool.nl), afdeling leerlingbegeleiding, voorgezet onderwijs.
LITERATUUR EN INFORMATIE
Jongens onder elkaar, Exclusief voor meiden, Koffie verkeerd. COC. Tel. 020- 623 4596. E-mail: info@coc.nl
Folders en brochures voor jongeren over homoseksualiteit.
Meidenboek. Een boek voor en door meiden die op meiden vallen. Esmée Burgersdijk en Anne Klusman (red). Schorer boeken, 1999. Persoonlijke verhalen, gedichten, tekeningen en praktische informatie voor en door meisjes en jonge vrouwen met lesbische of biseksuele gevoelens.
De Trimbaan. Imme Dros. Van Goor, 1987. Filip en Rogier werken elke dag aan het opknappen van een vervallen trimbaan. Alles tussen hen verandert als Rogier bekent dat hij niet op meisjes valt.
Portret van Sanne. Caja Cazemier. Van Holkema & Warendorf, 1999. Een zestienjarige meisje ontdekt dat de vriendschap met haar hartsvriendin verandert in verliefdheid.
Versluierde liefde. Naima el Bezaz. Volkskrant magazine, 15-02-2003. Indringend artikel over de worsteling van jonge lesbische moslims.
Expreszo. Tel. 020- 623 4596, COC Amsterdam. E-mail: redactie@expreszo.nl Glossy blad voor lesbo-, ho- en bi-jongeren. Ook zeer geschikt voor volwassenen die willen weten wat hojo’s bezig houdt.
Potten en flikkers de klas uit! Hoe tolerant is jouw school? Inventarisatie van knelpunten en klachten van leerlingen en docenten over homoseksualiteit. April 2003.
COC Nederland. Tel. 020-623 4596. E-mail: info@coc.nl Het rapport bevat schokkende verhalen van leerlingen en docenten en geeft concrete aanbevelingen voor het ontwikkelen van een expliciet homo- en biseksueel schoolbeleid. Te bestellen à € 5 bij COC Nederland, Amsterdam, giro: 570348 o.v.v. aantal exemplaren en ‘Rapport potten en flikkers’.
Onderwijsproject GGD Nijmegen. Tel. 024-329 72 97. Een aantal scholen in de regio Nijmegen wil het omgaan met homoseksualiteit beter aanpakken. Zij werken daartoe samen met GGD Nijmegen. Het project zal in 2006 afgerond zijn. Contactpersoon is Rebecca Kramer.
Stut-theater. Tel. 030–231 18 01. Internet: stut.nl. E-mail: jan.rijnierse@stut.nl Een groep professionele theatermakers die met buurtbewoners voorstellingen maakt over thema’s die in hun leven centraal staan. Ieder jaar verzorgen zij producties over maatschappelijk relevante thema’s. Stut-theater maakt ook voorstellingen met jongeren voor o.a. scholen. Hun stuk ‘Engelen’ heeft als thema de zelfgenoegzaamheid die in Nederland heerst rond homoseksualiteit. Contactpersoon is Jan Rijnierse.
WEBINFO coc.nl Site van de federatie van Nederlandse verenigingen tot integratie van homoseksualiteit. expreszo.nl Naast het blad is er ook deze site voor lesbische, homo- en biseksuele jongeren. gay-and-school.nl APS-site voor docenten en leerlingen over homoseksualiteit in het onderwijs.
Switchboard.nl Site voor alle vragen rond homo- en biseksualiteit.
Weljongniethetero.be Belgische site van het samenwerkingsverband van Vlaamse & Brusselse homo-, lesbische en bi-jongerengroepen. homo-emancipatie.nl/jongeren Site van het landelijk kenniscentrum lesbisch en homo-emancipatiebeleid